Uitweiding vijf: Samenvatting van het karakter van antichristen en hun gezindheidsessentie (deel 2)

II. Het verschil tussen karakter en gezindheidsessentie

De vorige keer hebben we het karakter van antichristen samengevat. Kunnen jullie vertellen waaruit dat bestaat? (Het eerste punt is leugenachtigheid, het tweede is verraderlijkheid en meedogenloosheid, het derde is geen eergevoel hebben en schaamteloosheid, het vierde is egoïstisch en verachtelijk zijn, het vijfde is zich vastklampen aan de machtigen en de zwakken onderdrukken, en het zesde is begeriger naar materiële dingen zijn dan normale mensen.) Er zijn in totaal zes punten. Uit deze zes punten blijkt dat het karakter van antichristen verstoken is van menselijkheid, geweten en verstand. Ze hebben weinig integriteit en een verfoeilijk karakter. Stel dat je iemands gezindheid niet kent of kunt doorgronden, of die goed of slecht is, maar door zijn karakter te leren kennen, ontdek je bijvoorbeeld dat hij een verfoeilijk karakter heeft, hij is bijvoorbeeld leugenachtig, heeft geen eergevoel of is verraderlijk en meedogenloos. Je kunt hem dan voorlopig kenmerken als iemand zonder geweten, zonder een goed hart of een nobel karakter, als iemand die in plaats daarvan een slechte, uiterst armzalige en boosaardige menselijkheid heeft. Als zulke mensen geen status bezitten, kunnen ze voorlopig als kwaadaardige mensen worden gekenmerkt. Kunnen ze echter, afgaande op hun karakter, volledig en volkomen als antichristen worden gekenmerkt? Als we alleen deze uitingen van hun menselijkheid in overweging nemen, kunnen zulke mensen met 80% zekerheid als antichristen worden gekenmerkt. Het is niet slechts zo dat ze de gezindheid van een antichrist hebben, en het is niet simpelweg het geval dat hun menselijkheid boosaardig, slecht en armzalig is, dus kunnen we hen voorlopig als antichristen kenmerken. Want niemand die als antichrist wordt gekenmerkt, bezit een goede menselijkheid, eerlijkheid, goedheid, eenvoud, rechtschapenheid, oprechtheid jegens anderen of een gevoel voor eer. Niemand die deze aspecten van karakter wel bezit, is een antichrist. De menselijkheid van antichristen is in de eerste plaats vrij armzalig. Ze missen geweten en verstand en bezitten zeker niet het karakter dat mensen met menselijkheid en een nobele integriteit hebben. Daarom kunnen we, afgaande op het karakter van antichristen, als ze geen status hebben en slechts gewone volgelingen of gewone leden van een groep zijn die hun plichten vervullen, maar hun karakter vrij armzalig is en ze de trekken van het karakter van een antichrist bezitten, deze mensen voorlopig als antichristen kenmerken. Wat moet er worden gedaan met degenen die niet kunnen worden doorzien? Zij moeten niet worden gepromoveerd of status krijgen. Sommigen zeggen misschien: ‘Als we hen status geven, zal dat dan niet bepalen of ze al dan niet antichristen zijn?’ Is die uitspraak juist? (Nee, die is niet juist.) Als we zulke mensen status geven, zullen ze de dingen doen die antichristen doen; alles waartoe een antichrist in staat is, zullen zij doen. Ten eerste zullen ze onafhankelijke koninkrijken stichten en daarnaast zullen ze mensen beheersen. Zal dit type persoon dingen doen die het huis van God ten goede komen? (Nee, dat zal hij niet.) Zodra zulke mensen status krijgen, kunnen ze onafhankelijke koninkrijken stichten, losbandig handelen, verstoringen en hinder veroorzaken, kliekjes vormen en alle daden van kwaadaardige mensen uitvoeren. Het is vergelijkbaar met een vos loslaten in de wijngaard, Gods uitverkoren volk in de handen van kwaadaardige mensen leggen en hen overleveren aan duivels en Satans. Zodra deze mensen de macht overnemen, staat het vast dat ze zonder enige twijfel antichristen zijn. Als men alleen op basis van iemands karakter bepaalt of hij een antichrist is, kan dat overdreven lijken voor velen die de ware feiten niet kennen en de gezindheidsessentie van antichristen niet begrijpen of kunnen onderscheiden. Ze denken misschien: ‘Waarom zou je iemand alleen op basis hiervan volledig afschrijven of veroordelen? Het lijkt onterecht om hem als een antichrist te bestempelen voordat hij iets heeft gedaan.’ Afgaande op de gezindheidsessentie van antichristen, missen zij echter ongetwijfeld een goede menselijkheid. Ten eerste zijn het beslist geen mensen die de waarheid nastreven; ten tweede hebben ze onmiskenbaar de waarheid niet lief; bovendien zijn ze absoluut niet het soort mensen dat zich onderwerpt aan Gods woorden, God vreest en het kwaad mijdt. Bij mensen die zulke kwaliteiten niet bezitten, is het overduidelijk of hun karakter nobel of laag is, goed of slecht.

Tijdens de laatste bijeenkomst hebben we gecommuniceerd over verscheidene gedragingen, manieren van spreken en handelen, enzovoort, die door het karakter van antichristen tot uiting komen. Als we op basis van hun karakter niet volledig kunnen vaststellen of iemand een antichrist is, dan is het noodzakelijk dat we verder communiceren over de gezindheidsessentie van antichristen. Door enerzijds het karakter van antichristen te onderzoeken en te onderscheiden, en anderzijds hun gezindheidsessentie, dan kunnen we door deze twee te combineren, vaststellen of iemand alleen de gezindheid van een antichrist bezit of daadwerkelijk een antichrist is. Laten we vandaag samenvatten welke gezindheidsessenties antichristen hebben. Dit is een crucialer kenmerk, waarmee we beter kunnen identificeren, onderscheiden of vaststellen of iemand een antichrist is.

Over gezindheid hebben we al eerder een concrete samenvatting gegeven: wat zijn de verdorven gezindheden van de mens? (Onbuigzaamheid, arrogantie, bedrieglijkheid, afkeer van de waarheid, venijnigheid en boosaardigheid.) Het zijn min of meer deze zes, en andere interpretaties van gezindheden, zoals egoïsme en verachtelijkheid, zijn enigszins verwant aan of vergelijkbaar met één van deze zes. Zeg Mij, is er een verschil tussen iemands karakter en zijn gezindheidsessentie? Wat is het verschil? Karakter wordt voornamelijk afgemeten aan geweten en verstand. Het gaat erom of iemand integriteit heeft, of zijn integriteit nobel is, of hij waardigheid heeft, of hij menselijke moraal bezit, wat het niveau van zijn moraal is, of hij een ondergrens en principes heeft in hoe hij zich gedraagt, of zijn menselijkheid goed of kwaadaardig is, en of hij eenvoudig en eerlijk is. Deze aspecten hebben betrekking op het menselijke karakter. In wezen bestaat karakter uit de keuzes en neigingen ten aanzien van goed en kwaad, positieve en negatieve dingen, en recht en onrecht die mensen in hun dagelijks leven tonen. Daar gaat het om. Dit heeft in principe niets met de waarheid te maken; het wordt alleen afgemeten aan de norm van het geweten, samen met goede en kwade menselijkheid, en haalt niet echt het niveau van de waarheid. Als het om gezindheid gaat, moet die worden afgemeten aan iemands essentie. Of hij het goede of het kwade verkiest, en, als het gaat om gerechtigheid en boosaardigheid, evenals positieve en negatieve dingen, hoe hij zich manifesteert, wat zijn keuzes en de gezindheid die hij onthult werkelijk zijn, en wat zijn reacties kunnen zijn. Deze dingen moeten worden afgemeten aan de waarheid. Als iemands karakter relatief goedaardig is, als hij geweten en verstand heeft, kan je dan zeggen dat hij geen verdorven gezindheid heeft? (Nee, dat kan je niet.) Als iemand heel goedhartig is, bezit hij dan arrogantie? (Ja.) Als iemand heel eerlijk is, heeft hij dan een onbuigzame gezindheid? (Ja.) Er kan worden gezegd dat ongeacht hoe goed iemands karakter ook is, hoe nobel zijn integriteit ook mag zijn, niets daarvan betekent dat hij geen verdorven gezindheid heeft. Als iemand een geweten en verstand heeft, betekent dit dan dat hij nooit God weerstaat of tegen Hem in opstand komt? (Nee, dat betekent het niet.) Hoe komt deze opstand dan tot stand? Dat komt doordat mensen een verdorven gezindheid hebben, en hun gezindheidsessentie onbuigzaamheid, arrogantie, boosaardigheid, enzovoort, bevat. Daarom is het zo dat ongeacht hoe goed iemands karakter ook mag zijn, dit niet betekent dat hij de waarheid heeft, dat hij geen verdorven gezindheid heeft, of dat hij kan vermijden God te weerstaan, te verraden en tegen Hem in opstand te komen, en zich aan God kan onderwerpen zonder de waarheid na te streven. Als hij een goed karakter heeft, relatief eenvoudig, eerlijk, rechtschapen en goedhartig is en een gevoel voor eer heeft, betekent dit slechts dat hij de waarheid kan aanvaarden, de waarheid liefhebben en zich onderwerpen aan wat God doet, omdat hij een karakter bezit dat de waarheid kan aanvaarden.

Een goed of slecht karakter wordt afgemeten aan basiscriteria zoals geweten, moraal en integriteit. Iemands gezindheidsessentie moet echter worden afgemeten aan de zes eerdergenoemde verdorven gezindheden. Als iemand een hoge morele norm, integriteit, geweten, verstand en een goed hart bezit, kan alleen worden gezegd dat zijn karakter relatief goed is. Dat betekent echter niet dat deze persoon de waarheid begrijpt, de waarheid bezit of zaken kan aanpakken volgens de waarheidsprincipes. Wat wordt hiermee bevestigd? Hoewel hij een goed karakter heeft, een relatief nobele integriteit en een hogere morele norm voor zijn gedrag en handelswijze, betekent dat niet dat hij geen verdorven gezindheid heeft, dat hij de waarheid bezit of dat zijn gezindheid volledig in overeenstemming is met Gods vereisten. Als iemands verdorven gezindheid geen verandering ondergaat en hij de waarheid niet begrijpt, dan is hij, hoe goed zijn karakter ook mag zijn, niet werkelijk een goed mens. Stel dat iemand een relatieve verandering in gezindheid ervaart. Dat wil zeggen: hij zoekt de waarheid in zijn handelen, volgt proactief de waarheidsprincipes in de manier waarop hij zaken aanpakt en onderwerpt zich aan de waarheid en aan God. En hoewel zijn verdorven gezindheid af en toe nog steeds boven komt drijven, en hij arrogantie en bedrieglijkheid onthult, en in ernstige gevallen een venijnige gezindheid, zijn de bron, richting en het doel van zijn handelen over het algemeen wel in overeenstemming met de waarheidsprincipes, en wanneer hij handelt, doet hij dat met een zoekende en onderworpen houding. Kan er dan worden gezegd dat zijn karakter nobeler is dan dat van degenen die geen verandering in gezindheid tonen? (Ja.) Als iemands karakter alleen van nature goed is, en in de ogen van anderen zijn menselijkheid goed is, maar hij de waarheid helemaal niet begrijpt, vol zit met noties en verbeeldingen over God, niet weet hoe hij Gods woorden moet ervaren en zich er niet van bewust is hoe hij Gods orkestraties en regelingen moet aanvaarden, laat staan hoe hij zich moet onderwerpen aan alles wat God doet, is dit dan een werkelijk goed mens? Strikt genomen is hij geen werkelijk goed mens, maar er kan terecht worden gezegd dat zijn karakter redelijk goed is. Wat betekent het om een redelijk goed karakter te hebben? Het betekent dat iemand een relatieve integriteit heeft, relatief eerlijk en rechtvaardig is in zijn handelen en omgang met anderen, geen misbruik maakt van anderen, relatief eerlijk is, anderen niet kwetst of schaadt, handelt met geweten en een zekere morele norm heeft, die verder gaat dan alleen het vermijden van het overtreden van de wet en het schenden van ethische relaties. Het is iets dat enigszinsboven deze twee normen uitstijgt. Wanneer mensen met zo iemand omgaan, voelen ze dat die persoon relatief rechtshapen is en ze niet op hun hoede hoeven te zijn in zijn gezelschap, omdat die persoon anderen niet schaadt of kwetst en mensen gerust zijn wanneer ze met hem omgaan. Als iemand deze kwaliteiten bezit, duidt dat op een redelijk goed mens. Vergeleken met degenen die de waarheid begrijpen en de waarheid kunnen beoefenen en zich eraan kunnen onderwerpen, is een dergelijke menselijkheid echter niets nobels. Met andere woorden, hoe goed iemands menselijkheid ook is, dit kan het begrijpen of beoefenen van de waarheid niet vervangen, en het kan zeker een verandering in gezindheid niet vervangen.

Karakter verwijst naar iemands geweten, moraal en integriteit. Om iemands karakter af te meten moet je zijn geweten, moraal en integriteit beoordelen. Maar waar verwijst gezindheid naar, en hoe wordt die afgemeten? Die wordt afgemeten aan de waarheid, aan Gods woorden. Stel dat iemands karakter in alle opzichten heel goed is, iedereen vindt hem een goed mens, en er kan worden gezegd dat hij in de ogen van de verdorven mensheid volmaakt is, schijnbaar zonder smet of gebrek; maar wanneer het wordt afgemeten aan de waarheid, is dat kleine beetje zogenaamde goedheid nauwelijks het vermelden waard. Bij het onderzoeken van zijn gezindheid kan je arrogantie, onbuigzaamheid, bedrieglijkheid, boosaardigheid, zelfs afkeer van de waarheid, en nog meer de manifestatie van een venijnige gezindheid aantreffen. Is dit geen feit? (Ja, dat is het.) Hoe wordt iemands gezindheidsessentie afgemeten? Die wordt afgemeten aan de waarheid, door iemands houding ten opzichte van de waarheid en God te beoordelen. Op deze manier wordt de verdorven gezindheid van die persoon volledig en volkomen onthuld. Hoewel mensen hem misschien zien als iemand met een geweten, integriteit en een hoge morele norm, en hij onder andere mensen wordt beschouwd als een heilige of een volmaakt mens, wordt, wanneer hij voor de waarheid en God komt, zijn verdorven gezindheid blootgelegd, blijkt hij verstoken te zijn van enige verdienste, en wordt duidelijk dat hij dezelfde verdorven gezindheden heeft als de rest van de mensheid. Wanneer God de waarheid uitdrukt, aan mensen verschijnt en werkt, manifesteren zij stuk voor stuk dezelfde verdorven gezindheden van onbuigzaamheid, arrogantie, bedrieglijkheid, afkeer van de waarheid, boosaardigheid en venijnigheid als andere mensen. Zijn zulke mensen niet volmaakt? Zijn ze niet heilig? Zijn het geen goede mensen? Ze zijn alleen goed in de ogen van andere mensen; omdat mensen de waarheid missen en dezelfde verdorven gezindheden bezitten, is de standaard waaraan ze elkaar meten alleen gebaseerd op geweten, integriteit en moraal, niet op de waarheid. Hoe komt iemands karakter naar voren wanneer het niet aan de waarheid wordt afgemeten? Is hij een werkelijk goed mens? Duidelijk niet, want een persoon die door andere mensen als goed is beoordeeld, mist geen van de verdorven gezindheden. Hoe ontwikkelen de verdorven gezindheden van mensen zich dan, en hoe worden ze blootgelegd? Wanneer God de waarheid niet uitdrukt noch aan de mensheid verschijnt, lijken de verdorven gezindheden van mensen niet te bestaan. Wanneer God echter de waarheid uitdrukt en aan mensen verschijnt, worden de verdorven gezindheden van zogenaamde heiligen of - in de ogen van anderen -volmaakte mensen, volledig blootgelegd. Vanuit dit perspectief bezien, bestaan de verdorven gezindheden van mensen naast hun karakter. Het is niet zo dat mensen pas een verdorven gezindheid hebben wanneer God verschijnt; veeleer worden, wanneer God de waarheid uitdrukt en onder de mensheid verschijnt en werkt, hun verdorven gezindheid en lelijkheid blootgelegd. Op dat moment komen mensen tot het besef en de ontdekking dat achter een goed karakter ook een verdorven gezindheid schuilgaat. Goede mensen, volmaakte mensen of heiligen in de ogen van anderen bezitten net als iedereen een verdorven gezindheid, en niet minder dan enig ander persoon. De verdorven gezindheden van deze mensen zijn zelfs meer verborgen dan die van andere mensen en hebben een groter vermogen om te misleiden. Wat is een verdorven gezindheid dan precies, en wat is een gezindheidsessentie? Iemands verdorven gezindheid is de essentie van die persoon; iemands karakter vertegenwoordigt slechts enkele oppervlakkige regels voor het zelf-gedrag, en weerspiegelt niet de menselijkheidsessentie van een persoon. Wanneer we over de menselijkheidsessentie van een persoon spreken, verwijzen we naar zijn gezindheid. Wanneer we iemands karakter bespreken, verwijzen we naar zichtbare aspecten, zoals de vraag of hij goede bedoelingen heeft, goedhartig is, hoe zijn integriteit is en of hij morele normen heeft. Begrijpen jullie nu wat er wordt bedoeld met karakter en wat er wordt bedoeld met gezindheidsessentie? Deze zaak kan je alleen in je hart aanvoelen; ze kan niet met één enkel woord of één enkele zin worden gedefinieerd. Het is een zeer complexe materie. Als het te eng wordt gedefinieerd en uitgelegd, kan het gestandaardiseerd lijken, maar is het in feite onduidelijk. Ik zal er geen definitie aan geven; ik heb het op deze manier uitgelegd, en als jullie het aanvoelen, zullen jullie het begrijpen.

Er zijn in totaal zes verdorven gezindheden van de mens: onbuigzaamheid, arrogantie, bedrieglijkheid, afkeer van de waarheid, venijnigheid en boosaardigheid. Welke van deze zes zijn relatief ernstig, en welke zijn gewoner of gebruikelijker, milder qua graad en minder intens wat de omstandigheden betreft? (Onbuigzaamheid, arrogantie en bedrieglijkheid zijn iets milder.) Juist. Het lijkt erop dat jullie enig inzicht en begrip hebben van de verschillende uitingen van de verdorven gezindheden van de mens. Hoewel deze drie ook tot de verdorven gezindheden behoren die de door Satan verdorven mensheid bezit, en ze qua essentie ook door God worden verafschuwd, niet in overeenstemming zijn met de waarheid en God weerstaan, zijn ze relatief mild en oppervlakkig, qua graad. Dat wil zeggen, ze zijn wat gebruikelijker; iedereenin de verdorven mensheid bezit ze in verschillende mate. Afgezien van deze drie, zijn afkeer van de waarheid, venijnigheid en boosaardigheid relatief veel ernstiger. Als de eerste drie gewone verdorven gezindheden worden genoemd, dan zijn de laatste drie buitengewone verdorven gezindheden, die ernstiger zijn qua graad. Wat betekent het dat ze ernstiger zijn? Het betekent dat deze drie ernstiger zijn wat betreft omstandigheden, essentie en de mate waarin individuen God weerstaan, tegen Hem in opstand komen en zich tegen Hem verzetten. Deze drie zijn ernstiger gezindheden die mensen manifesteren door rechtstreeks de waarheid te ontkennen, God te ontkennen, luidkeels tegen God te protesteren, God aan te vallen, God uit te testen, over God te oordelen, enzovoort. Waarin verschillen deze drie verdorven gezindheden van de mens van de eerste drie? De eerste drie zijn gebruikelijker, het zijn kenmerken van de verdorven gezindheden die alle verdorven mensen gemeen hebben. Dat wil zeggen, ieder individu, ongeacht leeftijd, geslacht, geboorteplaats, ras of etniciteit, bezit deze drie gezindheden. De laatste drie zijn in verschillende mate en in meerdere of mindere mate in ieder mens aanwezig, afhankelijk van zijn essentie, maar binnen de verdorven mensheid bezitten alleen antichristen deze drie gezindheden – boosaardigheid, afkeer van de waarheid en venijnigheid – in de meest ernstige mate. Afgezien van antichristen onthullen gewone verdorven mensen de gezindheden van boosaardigheid, afkeer van de waarheid en venijnigheid slechts in zekere mate, of in bepaalde omgevingen of speciale contexten. Hoewel ze deze gezindheden hebben, zijn het geen antichristen. Hun essentie is niet boosaardig of venijnig, en is zeker niet afkerig van de waarheid. Dit heeft te maken met hun karakter. Deze mensen zijn relatief goedhartig, ze hebben integriteit, ze zijn rechtschapen, ze hebben een gevoel voor eer, enzovoort. Hun karakter is relatief goed. Daarom onthullen ze de laatste drie ernstige verdorven gezindheden slechts bij gelegenheid, of alleen in bepaalde omgevingen en contexten. Deze gezindheden domineren hun essentie echter niet. Bijvoorbeeld, wanneer individuen met gewone verdorven gezindheden plichtmatig zijn in de vervulling van hun plichten en met Gods discipline te maken krijgen, kunnen ze weigeren zich eraan te onderwerpen, en denken ze: ‘Anderen zijn ook plichtmatig; waarom worden zij niet gedisciplineerd? Waarom ben ik degene die dit soort discipline en kastijding krijgt?’ Wat voor gezindheid is deze weigering om zich te onderwerpen? Het is duidelijk een venijnige gezindheid. Ze klagen over Gods onrechtvaardigheid en ongelijke behandeling, wat iets weg heeft van verzet en luidkeels protest tegen God. Dit is een venijnige gezindheid. De venijnige gezindheid van zulke mensen wordt onthuld in deze situaties, maar het verschil is dat deze mensen een goed hart hebben, de werking van het geweten, integriteit en relatieve rechtschapenheid. Wanneer ze tegen God klagen en een venijnige gezindheid onthullen, treedt hun geweten in werking. Wanneer hun geweten in werking treedt, raakt het in conflict met hun venijnige gezindheid, en beginnen er zich bepaalde gedachten in hun hoofd te ontwikkelen: ‘Ik zou niet zo moeten denken. God heeft me veel gezegend en Hij heeft mij genade betoond. Is het niet gewetenloos van me om zo te denken? Is dit niet God weerstaan en Zijn hart breken?’ Is dit niet hun geweten dat aan het werk is? Op dit punt treedt hun goede karakter in werking. Zodra hun geweten begint te werken, vervagen hun boosheid, klachten en weigering om zich te onderwerpen, en worden ze beetje bij beetje opzijgezet en geëlimineerd. Is dit niet het effect van hun geweten? (Ja.) Dus, onthullen ze een venijnige gezindheid? (Ja.) Ze onthullen een venijnige gezindheid, maar omdat zulke individuen een geweten en menselijkheid hebben, kan hun geweten hun venijnige gezindheid beteugelen en hen rationeel maken. Wanneer ze rationeel worden en kalmeren, zullen ze nadenken en beseffen dat ook zij in staat zijn God te weerstaan. Op dat moment zal er onbewust een gevoel van schuld en berouw in hen opkomen: ‘Ik was zojuist te impulsief, ik weerstond God en kwam tegen Hem in opstand. Is Gods discipline jegens mij niet Zijn liefde? Is dit niet Zijn gunst? Waarom handelde ik zo onredelijk? Heb ik God niet boos gemaakt? Ik kan zo niet doorgaan; ik moet tot God bidden, berouw tonen, het kwaad dat ik doe loslaten en mijn opstandigheid beëindigen. Aangezien ik toegeef dat ik plichtmatig handelde, moet ik stoppen met plichtmatig zijn, de dingen serieus aanpakken en zoeken hoe ik mijn trouw kan tonen door mijn daden, en ook wat de principes zijn voor het doen van mijn plicht.’ Is dit niet het effect van hun goede karakter? Ongetwijfeld hebben deze mensen ook een venijnige gezindheid, maar door de werking van hun geweten en door een afweging te maken met hun rationaliteit, krijgt hun goede, waarheidslievende karakter uiteindelijk de overhand. Deze individuen hebben venijnigheid onder hun verdorven gezindheden, kan er dan worden gezegd dat ze daarom een venijnige essentie bezitten? Kan er worden gezegd dat hun essentie venijnig is? Nee. Objectief gesproken, hoewel de verdorven gezindheden die ze onthullen venijnigheid omvatten, is hun venijnigheid, omdat ze een geweten, rationaliteit en een relatieve liefde voor de waarheid hebben, slechts een soort verdorven gezindheid, en niet hun essentie. Waarom is het niet hun essentie? Omdat deze verdorven gezindheid van hen kan veranderen. Hoewel ze dit soort verdorven gezindheid onthullen en God kunnen weerstaan en tegen Hem in opstand kunnen komen, of dat nu voor een lange of korte periode is, voorkomt de werking van hun geweten, integriteit, verstand, enzovoort in hun karakter dat hun venijnige gezindheid hun gedrag of hun houding ten opzichte van de waarheid domineert. Wat is het uiteindelijke resultaat? Ze kunnen hun zonden belijden, berouw tonen, handelen volgens de waarheidsprincipes, zich onderwerpen aan de waarheid en Gods orkestratie aanvaarden, allemaal zonder klachten. Ondanks dat ze een venijnige gezindheid hebben onthuld, is de uiteindelijke uitkomst dat ze niet tegen God in opstand komen of zich verzetten tegen Gods soevereiniteit, maar zich onderwerpen. Dit is een uiting van een gewoon verdorven persoon. Zulke mensen hebben slechts verdorven gezindheden; ze hebben niet de gezindheidsessentie van antichristen. Dit is juist.

Neem bijvoorbeeld boosaardige gezindheden: wat is de meest boosaardige gezindheid die mensen voor God onthullen? Dat is God op de proef stellen. Sommige mensen maken zich zorgen dat ze misschien niet op een goede bestemming afgaan en dat hun uitkomst niet gegarandeerd is, omdat ze zijn afgedwaald, kwaad hebben gedaan en vele overtredingen hebben begaan nadat ze in God zijn gaan geloven. Ze zijn bezorgd dat ze in de hel terecht zullen komen en zijn constant bang voor hun uitkomst en bestemming. Ze zijn voortdurend angstig en overpeinzen steeds: ‘Zal mijn toekomstige uitkomst en bestemming goed of slecht zijn? Zal ik naar de hel gaan of naar de hemel? Behoor ik tot gods volk of ben ik een dienstdoener? Zal ik vergaan of gered worden? Ik moet gods woorden vinden die hierover gaan.’ Ze zien dat Gods woorden allemaal de waarheid zijn en dat ze allemaal de verdorven gezindheden van mensen blootleggen, en ze vinden de antwoorden die ze zoeken niet, dus vragen ze zich voortdurend af waar ze verder informatie zouden kunnen inwinnen. Later, wanneer ze de kans krijgen om gepromoveerd te worden en een belangrijke rol te krijgen, willen ze poolshoogte nemen bij de Boven, en denken ze: ‘Wat is de mening van de Boven over mij? Als zijn mening gunstig is, dan is dat bewijs dat god zich het kwaad dat ik in het verleden heb gedaan en de overtredingen die ik heb begaan, niet heeft herinnerd. Het is bewijs dat god me nog steeds zal redden, dat ik nog steeds hoop heb.’ Vervolgens denken ze door over hun ideeën en zeggen ze rechtstreeks: ‘Op onze plek zijn de meeste broeders en zusters niet erg bedreven in hun vak, en ze geloven nog maar kort in god. Ik geloof het langst in god. Ik ben gevallen en heb gefaald, ik heb enige ervaringen opgedaan en lessen geleerd. Als ik de kans krijg, ben ik bereid een zware last te dragen en gods bedoelingen in acht te nemen.’ Ze gebruiken deze woorden om uit te testen of de Boven de intentie heeft hen te promoveren, of dat de Boven hen heeft opgegeven. In werkelijkheid willen ze deze verantwoordelijkheid of last niet echt op zich nemen; hun doel bij het uitspreken van deze woorden is uitsluitend om de stemming te peilen en te zien of ze nog hoop op redding hebben. Dit is God op de proef stellen. Wat is de gezindheid achter deze aanpak van op de proef stellen? Het is een boosaardige gezindheid. Ongeacht hoe lang deze aanpak wordt onthuld, hoe ze het doen of in welke mate het wordt uitgevoerd, de gezindheid die ze onthullen is in elk geval absoluut boosaardig, omdat ze gedurende het hele proces vele gedachten, bedenkingen en zorgen hebben. Wanneer ze deze boosaardige gezindheid onthullen, welke van hun handelingen tonen dan aan dat het mensen met menselijkheid zijn, mensen die de waarheid kunnen beoefenen, welke handelingen bevestigen dat ze slechts deze verdorven gezindheid bezitten en geen boosaardige essentie? Nadat ze zulke dingen doen en zeggen, voelen degenen met een geweten, verstand, integriteit en waardigheid ongemak en pijn in hun hart. Ze worden gekweld en denken: ‘Ik geloof al zoveel jaar in God; hoe kon ik God op de proef stellen? Hoe kan ik nog steeds bezig zijn met mijn eigen bestemming en zo’n methode gebruiken om iets bij God los te peuteren en God ertoe te bewegen mij een definitief antwoord te geven? Dit is te verachtelijk!’ Ze voelen zich ongemakkelijk in hun hart, maar de daad is verricht en de woorden zijn uitgesproken, die kunnen niet worden teruggenomen. Dan begrijpen ze: ‘Hoewel ik misschien enige goede wil en een gevoel van gerechtigheid heb, ben ik nog steeds in staat tot dit soort verachtelijke dingen; dit zijn de handelingen van een verachtelijk persoon! Is dit niet een poging om God op de proef te stellen? Is het geen afpersing van God? Dit is werkelijk verachtelijk en schaamteloos!’ Wat is in zo’n situatie een redelijke handelswijze? Is het voor God komen in gebed en je zonden belijden, of is het koppig vasthouden aan je eigen aanpak? (Bidden en belijden.) Dus, welke fase in het hele proces, vanaf het moment dat ze het idee bedachten tot het punt van handelen, en verder tot hun gebed en belijdenis, is de normale onthulling van een verdorven gezindheid? In welke fase treedt het geweten in werking en in welke fase wordt de waarheid in praktijk gebracht? De fase van het bedenken tot het handelen wordt gestuurd door een boosaardige gezindheid. Wordt de fase van zelfonderzoek dan niet gestuurd door de werking van hun geweten? Ze beginnen zichzelf te onderzoeken, omdat ze voelen dat ze verkeerd gehandeld hebben, en dit wordt gestuurd door de werking van hun geweten. Hierop volgen gebed en belijdenis, die ook worden gestuurd door de werking van hun integriteit, geweten en karakter; ze zijn in staat wroeging te voelen, berouw te hebben en zich schuldplichtig te voelen jegens God, en ze zijn ook in staat na te denken over en inzicht te krijgen in hun eigen menselijkheid en verdorven gezindheid, en het punt te bereiken waarop ze de waarheid kunnen beoefenen. Bestaat dit dan niet uit drie fasen? Vanaf de onthulling van een verdorven gezindheid tot de werking van hun geweten, en vervolgens tot het vermogen om het kwaad dat ze doen los te laten, berouw te hebben, hun eigen vleselijke verlangens en gedachten los te laten, in opstand te komen tegen hun verdorven gezindheid en de waarheid te beoefenen. Deze drie fasen zijn wat gewone mensen met menselijkheid en verdorven gezindheden zouden moeten bereiken. Vanwege het bewustzijn van hun geweten en hun relatief goede menselijkheid kunnen deze mensen de waarheid beoefenen. In staat zijn de waarheid te beoefenen, impliceert dat dit soort mensen hoop op redding hebben. Met andere woorden, de kans op redding is relatief hoog voor mensen met een goede menselijkheid.

Waarin onderscheiden antichristen zich van degenen met de gezindheid van een antichrist? In de eerste fase is wat antichristen onthullen oppervlakkig gezien vrijwel identiek aan de onthullingen van ieder verdorven mens, maar de daaropvolgende twee fasen zijn anders. Wanneer iemand bijvoorbeeld een venijnige verdorven gezindheid onthult als hij wordt gesnoeid, vereist de volgende stap dat zijn geweten in werking treedt. Antichristen hebben echter geen geweten, dus wat zullen zij denken? Welke manifestaties zullen zij vertonen? Ze zullen klagen dat God onrechtvaardig is en beweren dat God erop uit is hen te bekritiseren en bij elke gelegenheid moeilijkheden en problemen voor hen creëert. Hierna zullen ze hardnekkig onboetvaardig blijven, weigeren zelfs hun meest duidelijke fouten of verdorven gezindheden te aanvaarden, nooit hun eigen fouten erkennen, en er zelfs nog een schepje bovenop doen en alle mogelijke middelen aanwenden om in het geheim door te gaan met hun handelingen. Hoe is het karakter van antichristen dan, afgaande op de verdorven gezindheden die zij onthullen? Ze hebben geen geweten, ze weten niet dat ze zichzelf moeten onderzoeken, en ze onthullen venijnigheid, kwaadwilligheid, aanvallen en vergelding. Ze verzinnen leugens om de feiten te verhullen en schuiven de verantwoordelijkheid af op anderen; ze bedenken listen om anderen in de val te lokken en houden de ware feiten verborgen voor de broeders en zusters; en ze verdedigen en rechtvaardigen zichzelf krachtig en verspreiden overal hun argumenten. Dit is de voortzetting van hun venijnige gezindheid. Niet alleen ontbreekt het hen aan het bewustzijn van het geweten en slagen ze er niet in zichzelf te onderzoeken, over zichzelf na te denken en zichzelf te begrijpen, maar ze doen er ook nog een schepje bovenop en gaan door met het onthullen van hun venijnige gezindheid, waarbij ze tekeergaan tegen het huis van God, tekeergaan en zich verzetten tegen de broeders en zusters, en, nog ernstiger, zich verzetten tegen God. Zullen ze, als de situatie na enige tijd tot rust is gekomen, berouw hebben en hun zonden belijden? Hoewel het incident al voorbij is, de ware feiten zijn onthuld en het algemeen bekend is dat de verantwoordelijkheid bij hen ligt en dat zij die zouden moeten dragen, kunnen zij dat dan erkennen? Kunnen ze wroeging voelen of zich schuldplichtig voelen? (Nee.) Ze volharden in hun verzet en denken: ‘Hoe dan ook, ik had nooit schuld, maar zelfs als ik die wel had, waren mijn bedoelingen goed; zelfs als ik schuld had, kan die niet alleen maar aan mij worden toegeschreven. Waarom geven jullie de anderen niet de schuld, waarom hebben jullie het op mij gemunt? Waar heb ik een fout gemaakt? Ik heb niets met opzet verkeerd gedaan. Jullie hebben allemaal fouten gemaakt, dus waarom leggen jullie geen verantwoording af? Wie kan er trouwens door het leven gaan zonder fouten te maken?’ Hebben ze berouw? Voelen ze zich schuldplichtig? Ze voelen zich niet schuldplichtig en ze hebben geen berouw. Sommigen zeggen zelfs: ‘Ik heb zo’n hoge prijs betaald, waarom heeft niemand van jullie dat opgemerkt? Waarom heeft niemand mij geprezen? Waarom heb ik geen beloning gekregen? Als er iets gebeurt, geven jullie mij altijd de schuld en hebben jullie iets op mij aan te merken. Zoeken jullie niet gewoon een stok om mij mee te slaan?’ Dit is hun mentaliteit en gesteldheid. Dit is duidelijk een venijnige gezindheid. Ze zijn onwrikbaar in hun onboetvaardigheid, ze weigeren de feiten te erkennen wanneer die voor hun neus liggen, en ze volharden in hun verzet. Hoewel ze misschien niemand hardop vervloeken, hebben ze dat innerlijk misschien al talloze keren gedaan: ze hebben de leiders vervloekt omdat die blind zouden zijn, de broeders en zusters omdat het geen goede mensen zouden zijn en omdat deze de antichristen vleiden toen ze status hadden, maar nu ze hun status kwijt zijn geen aandacht aan hen besteeden, niet met hen communiceren of zelfs niet naar hen glimlachen. Ze vervloeken zelfs God in hun hart en oordelen over God, en zeggen dat Hij niet rechtvaardig is. Van begin tot eind is de gezindheid die ze onthullen venijnig, zonder de geringste werking van het geweten en zonder enig spoor van wroeging of berouw. Ze hebben zeker niet de intentie om zich te bekeren, de waarheidsprincipes te zoeken, voor God te komen om zonden te belijden en berouw te hebben, of zich te onderwerpen aan Gods orkestraties en regelingen. In plaats daarvan redetwisten ze, verzetten ze zich en klagen ze voortdurend. Zowel antichristen als degenen die in staat zijn tot berouw onthullen dezelfde verdorven gezindheden, maar is er geen verschil in de aard van deze onthullingen? Welke van deze groepen bezit de gezindheid van een antichrist en welke bezit de essentie van een antichrist? (Degenen die geen berouw hebben, bezitten de essentie van een antichrist.) Wie zijn degenen die in staat zijn tot berouw? Dat zijn verdorven mensen met de gezindheid van een antichrist, maar het zijn geen antichristen. Degenen met de essentie van een antichrist zijn antichristen, terwijl degenen met de gezindheid van een antichrist gewone verdorven mensen zijn. Welke van de twee groepen bestaat uit kwaadaardige mensen? (Degenen met de essentie van een antichrist.) Jullie kunnen dit onderscheiden, toch? Het hangt ervan af welke groep geen enkel teken vertoont dat hun geweten hen aanklaagt, welke groep volhardt in redetwisten zonder zich te bekeren of na te denken, en die gewetenloos oordeelt en haar argumenten verspreidt wanneer ze iets verkeerds doen en te maken krijgen met omstandigheden als gesnoeid, ontheven of gedisciplineerd worden, enzovoort. Als er niemand was om hen te beteugelen, zouden ze dan stoppen met hun handelen? Nee. Hun hart zou vol zijn van negativiteit en verzet, en ze zouden zeggen: ‘Aangezien mensen me onrechtvaardig behandelen en god me geen genade toont noch voor mij opkomt, zal ik in de toekomst mijn plicht maar gewoon voor de vorm doen. Als ik mijn plicht goed doe, ontvang ik toch geen beloningen, niemand zal me prijzen en ik zal nog steeds gesnoeid worden, dus ik doe het maar gewoon plichtmatig. Verwacht maar niet van mij dat ik zaken volgens principes afhandel, of dat ik met anderen overleg en samenwerk in mijn werk, of dat ik de waarheid zoek! Ik zal onverschillig blijven, niet hoogmoedig en niet nederig. Als je me vraagt iets te doen, zal ik het doen; als je me niet vraagt iets te doen, ga ik gewoon weg. Doe maar wat jullie willen; ik blijf zoals ik ben. Stel niet te hoge eisen aan mij; als jullie eisen hoog zijn, negeer ik ze.’ Is dit niet de voortzetting van een venijnige gezindheid? Kunnen zulke mensen berouw hebben? (Nee, dat kunnen ze niet.) Dit is een manifestatie van degenen met de essentie van een antichrist. Het is hetzelfde wanneer een antichrist een boosaardige gezindheid onthult; ook dan reflecteren ze nooit, omdat bij hen een geweten ontbreekt. Ongeacht welke verdorven gezindheid ze onthullen of welke intenties, begeerten en ambities ze hebben wanneer hen iets overkomt, ze worden nooit beteugeld door hun geweten. Daarom doen ze, wanneer de tijd rijp en gunstig voor hen is, wat ze willen. Ongeacht de uitkomst van hun handelingen bekeren ze zich niet, en blijven ze vasthouden aan hun zienswijzen en hun ambities, begeerten en intenties, evenals de middelen en methoden waarmee ze altijd dingen hebben gedaan, zonder enig zelfverwijt. Waarom voelen ze geen zelfverwijt? Omdat zulke mensen een geweten missen, geen eergevoel hebben en geen schaamte kennen; binnen hun hele menselijkheid is er niets dat hun verdorven gezindheden kan beteugelen, en er is niets dat ze kunnen gebruiken om te beoordelen of de verdorven gezindheden die ze onthullen juist of onjuist zijn. Daarom is het zo dat wanneer deze mensen een boosaardige gezindheid onthullen, ze van begin tot eind geen zelfverwijt voelen, geen verdriet, geen wroeging en geen gevoel van schuldplichtigheid, ongeacht hoe anderen het zien of wat het proces en de uitkomst ook mogen zijn, en in hun hart bekeren ze zich zeker niet. Dit zijn antichristen. Wat is het meest duidelijke kenmerk van antichristen, afgaande op deze twee voorbeelden? (Hun gebrek aan geweten en verstand.) Tot wat voor soort manifestatie leidt dit gebrek aan geweten en verstand? Wat is het resultaat van de gezindheden die ze onthullen? (Ze kunnen niet nadenken over zichzelf of berouw hebben.) Kunnen degenen die niet over zichzelf kunnen nadenken en geen berouw kunnen hebben de waarheid beoefenen? Nooit!

Iemand die alleen de gezindheid van een antichrist heeft, kan in essentie niet als een antichrist worden gekenmerkt. Alleen degenen die de aard-essentie van antichristen hebben, zijn echte antichristen. Zeker, er zijn verschillen in de menselijkheid van de twee, en onder de heerschappij van verschillende soorten menselijkheid zijn de houdingen die die mensen jegens de waarheid koesteren ook niet hetzelfde, en wanneer de houdingen die mensen jegens de waarheid koesteren niet hetzelfde zijn, zijn de wegen die ze kiezen verschillend; en wanneer de wegen die mensen kiezen verschillend zijn, vertonen de daaruit voortvloeiende principes en gevolgen van hun handelingen ook hun verschillen. Omdat een persoon met alleen de gezindheid van een antichrist een werkend geweten, verstand en een eergevoel heeft, en relatief gesproken de waarheid liefheeft, ontstaat er, wanneer hij zijn verdorven gezindheid onthult, een verwijt daarover in zijn hart. Op zulke momenten kan hij over zichzelf nadenken en zichzelf leren kennen, en kan hij zijn verdorven gezindheid en zijn onthulling van verdorvenheid toegeven, waardoor hij in staat is in opstand te komen tegen het vlees en zijn verdorven gezindheid, en ertoe komt de waarheid te beoefenen en zich aan God te onderwerpen. Bij een antichrist is dit echter niet het geval. Omdat ze geen werkend geweten of gewetensvol bewustzijn hebben, en al helemaal geen eergevoel, meten ze, wanneer ze hun verdorven gezindheid onthullen, niet aan de hand van Gods woorden of hun onthulling juist of onjuist is, of dat ze een verdorven gezindheid hebben of een normale menselijkheid, of dat die in overeenstemming is met de waarheid. Ze denken nooit na over deze dingen. Hoe gedragen ze zich dan? Ze houden steevast vol dat de verdorven gezindheid die ze onthullen en de weg die ze kiezen de juiste zijn. Ze denken dat alles wat ze doen juist is, dat alles wat ze zeggen juist is; ze houden halsstarrig vast aan hun eigen zienswijzen. Dat betekent dat hoe groot het kwaad ook is dat ze doen, hoe ernstig de verdorven gezindheid ook is die ze onthullen, ze de ernst van de zaak niet zullen erkennen en ze zeker de verdorven gezindheid die ze hebben onthuld, niet zullen begrijpen. Vanzelfsprekend zullen ze evenmin hun begeerten opzijzetten, in opstand komen tegen hun ambitie of hun verdorven gezindheid, ten gunste van het kiezen van een pad van onderwerping aan God en de waarheid. Uit deze twee verschillende uitkomsten kan je zien dat als een persoon met de gezindheid van een antichrist de waarheid in zijn hart liefheeft, hij de kans heeft om die te leren begrijpen en die te beoefenen, en om redding te verkrijgen, terwijl het soort persoon met de essentie van een antichrist de waarheid niet kan begrijpen of in praktijk kan brengen, noch redding kan verkrijgen. Dat is het verschil tussen de twee.

III. De gezindheidsessentie van antichristen

In de communicatie van vandaag blijft de nadruk voornamelijk liggen op samenvatten van wat precies de gezindheidsessentie van antichristen is. Welke drie van de zes verdorven gezindheden van de mens die we zojuist hebben besproken, worden op correctere wijze gebruikt om mensen met de gezindheidsessentie van antichristen te kenmerken? (Afkeer van de waarheid, venijnigheid en boosaardigheid.) Aangezien we het bereik tot deze drie hebben beperkt, zullen de eerste drie geen deel uitmaken van deze communicatie. Ontbreekt het mensen met de gezindheidsessentie van antichristen dan aan de verdorven gezindheden van onbuigzaamheid, arrogantie en bedrieglijkheid? (Nee.) Waarom worden de eerste drie dan niet gebruikt om de gezindheidsessentie van antichristen te kenmerken? (Omdat gewone verdorven mensen de eerste drie ook bezitten, en ze niet de essentie van een persoon vertegenwoordigen.) Dit is een zeer correcte samenvatting. Wat het onderwerp gezindheidsessentie betreft, zijn de eerste drie verdorven gezindheden relatief minder ernstig, terwijl de gezindheden die de gezindheidsessentie van antichristen werkelijk kunnen samenvatten de laatste drie zijn: afkeer van de waarheid, venijnigheid en boosaardigheid. Deze drie verdorven gezindheden kunnen de gezindheidsessentie van antichristen correcter kenmerken. Hoewel de eerste drie niet worden gebruikt om de essentie van antichristen te kenmerken, is elk van die drie verdorven gezindheden aanwezig in een antichrist, en in ernstiger mate dan bij gewone mensen. Zowel afkeer van de waarheid, venijnigheid als boosaardigheid kunnen worden gebruikt om hun onbuigzaamheid samen te vatten en te kenmerken, en om de mate van onbuigzaamheid te beschrijven. Evenzo kunnen de laatste drie gezindheden worden gebruikt om hun arrogantie en bedrieglijkheid samen te vatten en te kenmerken. Het is duidelijk dat de belangrijkste kenmerken van de gezindheidsessentie van antichristen afkeer van de waarheid, venijnigheid en boosaardigheid zijn.

A. Boosaardigheid

Van deze drie verdorven gezindheden: afkeer van de waarheid, venijnigheid en boosaardigheid, is boosaardigheid de meest alomvattende samenvatting van een gezindheid in de gezindheidsessentie van een antichrist, en is het de meest voorkomende in de gezindheidsessentie van een antichrist. Waarom wordt boosaardigheid gebruikt om de gezindheidsessentie van een antichrist te beschrijven? Als wordt gezegd dat antichristen behoorlijk boosaardig zijn, afgaande op hun gedachten, wat denken, zeggen en doen ze dan op dagelijkse basis waaruit blijkt dat het mensen zijn met een boosaardige essentie? Is dat geen vraag die overpeinst moet worden? (Ja.) Dan moeten we onze analyse en observatie beginnen bij wat ze denken, hun manier van spreken en manier van doen, en hoe ze zich gedragen en met de wereld omgaan, om te kunnen oordelen of er in deze mensen werkelijk een boosaardige essentie bestaat. Laten we eerst eens kijken naar de dingen waaraan antichristen elke dag denken. Sommige mensen denken in hun hart: ‘In deze groep mensen word ik niet als de meest bekwame beschouwd, noch heb ik de hoogste gaven, hoe kan ik dan populairder worden, ieders achting winnen, mijn voorouders eer aandoen en een stralenkrans boven mijn hoofd verkrijgen? Hoe kan ik anderen overtuigen en ervoor zorgen dat ze naar me luisteren en tegen mij opkijken? Het lijkt erop dat het een goede zaak is om status te hebben. Sommige mensen spreken echt met aanzien, en als andere mensen problemen hebben, gaan ze naar hen toe. Waarom komt er niemand naar mij toe? Waarom merkt niemand mij op? Ik heb hersens, ideeën, een methodische aanpak in mijn manier van handelen en ik kan oordelen in zaken. Waarom besteedt niemand aandacht aan mij of heeft niemand een hoge pet van me op? Wanneer zal ik boven de anderen uitsteken? Wanneer zal iedereen bij mij om hulp komen vragen en achter mij staan?’ Waar denken deze mensen aan? Denken ze aan positieve of negatieve dingen? (Negatieve dingen.) Wanneer sommige mensen zien dat anderen een goede relatie met elkaar hebben, denken ze: ‘Hoe komt het dat hun relatie zo goed is? Ik moet een manier vinden om tweedracht te zaaien en zorgen dat hun relatie verzuurt; op deze manier zal ik niet geïsoleerd zijn en heb ik een metgezel.’ Waar zijn deze mensen mee bezig? Ongeacht welke methode ze gebruiken, het komt allemaal neer op tweedracht zaaien. Wanneer ze iemand enthousiast en energiek zijn plicht zien doen, en diegene licht ontvangt, wat hij ook doet tijdens het vervullen van zijn plicht, worden ze jaloers en proberen ze te bedenken hoe ze die persoon kunnen ondermijnen, hoe ze zijn enthousiasme de kop in kunnen drukken en hem een negatief gevoel kunnen geven. Deze gedachten, of er nu naar gehandeld wordt of niet, zijn negatieve gedachten. Er zijn er ook die denken: ‘Hoe ziet de pas gekozen leider mij? Ik moet een nauwe band met deze leider zien te krijgen. Onze relatie is niet geweldig en we zijn niet al te hecht, dus hoe kan ik bij hem in de gunst komen? Ik heb wat geld bij de hand, dus ik zal uitzoeken wat hij nodig heeft en het dan voor hem kopen. Maar als hij een computer nodig heeft, ben ik niet bereid om zoveel geld uit te geven; als hij in de toekomst geen leider meer zou zijn, zou dat geld dan niet verspild zijn? Als hij iets als handschoenen of kleding nodig heeft, kan ik dat betalen, en is het de uitgave waard. Geld moet aan de juiste dingen worden besteed, en niet worden verspild. Ik moet de leider ook vleien en behagen, niet alleen met lege woorden maar met echte daden. Ik moet opletten wat deze leider leuk vindt. Bovendien zal ik elke dag helpen het eten van de leider op te scheppen wanneer het etenstijd is en zijn vaat afwassen wanneer hij klaar is met eten. Als de leider iemand bekritiseert, zal ik hem naar de mond praten; als de leider iemand prijst, zal ik die persoon snel aanbevelen en zijn deugden prijzen.’ Waar denken deze mensen aan? (De leider behagen en naar de mond praten.) Er zijn er ook die, terwijl ze in het huis van God werken, denken: ‘Anderen werken hard en ijverig; ik moet slim zijn, ik kan niet dwaas zijn, en ik kan niet toestaan dat ik te hard werk. Als het huis van god mij in de toekomst niet nodig heeft, is al deze inspanning dan niet tevergeefs? Werk ik dan niet voor niets zo hard? Maar als ik helemaal niet werk, word ik door het huis van god weggestuurd. Wat moet ik dan doen? Wanneer de leider erbij is, zal ik mijn uiterste best doen, me in het zweet werken en zorgen dat de leider het ziet; wanneer hij er niet is, ga ik naar het toilet, haal ik een glas water, maak ik een ommetje of zoek ik een hoekje op om te ontspannen. Als anderen drie scheppen aarde graven, graaf ik een halve schep; als anderen drie of vijf keer heen en weer lopen om dingen te dragen, doe ik het maar één keer. Ik rust en luier zoveel mogelijk. Ik moet niet zo ijverig zijn; als ik ziek word of uitgeput raak van te hard werken, wie zal er dan medelijden met me hebben? Wie zal mij verplegen? Zal de leider ervoor zorgen? Zal god ervoor zorgen? Zal god verantwoordelijk zijn voor deze dingen? Daarom moet ik tijdens het werk uitzoeken waar ik het meest opvallend kan werken. Wanneer ik wil luieren, moet ik uitzoeken waar ik het minst snel ontdekt word, waar ik de minste aandacht trek.’ Waar denken deze mensen aan? (Luieren en sluw handelen.)

1. Wat antichristen doen ten opzichte van mensen

Wat voor karakter hebben mensen die de hele dag boosaardige gedachten hebben? Een karakter met weinig integriteit en met verraderlijkheid. Afgaande op hun gezindheid, wat is dit? (Boosaardigheid.) Is er iets oprechts in de aard van de dingen waar ze aan denken? Is er iets dat nobel, open en eerlijk klinkt? Is er iets goeds? (Nee, niets.) Samenvattend, het eerste wat zich in de boosaardige gezindheid van mensen met de essentie van een antichrist manifesteert, is dat alles waar ze de hele dag aan denken kwaadaardig is. Of ze nu met een grote of kleine kwestie worden geconfronteerd, hun gedachten zijn vervuld van kwaad. Specifiek bekeken doen ze bepaalde dingen ten opzichte van mensen, en hebben ze ook verschillende uitingen en praktijken ten opzichte van God. Wat voor dingen doen ze dan ten opzichte van mensen? Wat voor praktijken ontwikkelen ze in hun gedachten? Kunnen jullie in de zojuist genoemde voorbeelden zien hoe zulke mensen voortdurend intriges smeden tegen anderen? Ze smeden onophoudelijk intriges, en iedereen met wie ze te maken krijgen of met wie ze contact hebben, wordt het doelwit van hun listen. Ten tweede, hoewel ze soms niet praten wanneer ze dingen doen, zijn de manieren, methoden en bronnen van hun handelingen niet oprecht, en beoefenen ze de waarheid niet. Het is slechts bedrieglijke schijn. Wat is de aard hiervan, en wat is deze praktijk? Het is listigheid en schijnvertoning, en ze verzoeken ook anderen. Aangezien ze een schijnvertoning kunnen opvoeren en mensen kunnen bedriegen, kunnen ze mensen dan ook verlokken en misleiden? (Ja, dat kunnen ze.) Bovendien zijn dit soort mensen voortdurend verwikkeld in een strijd met anderen om status, reputatie, aanzien en hun eigenbelang. Ze vechten om roem, om wie het voor het zeggen heeft, om wie meer ideeën heeft, om wiens meningen verstandiger en redelijker zijn, om wie meer mensen achter zich heeft en om wie meer voordelen kan behalen. Daar wedijveren ze om. Zelfs zonder status smeden ze al op deze manier intriges tegen mensen, dus wat gebeurt er als ze wel status hebben? Dan worden de mensen onder hun heerschappij voortdurend gekweld; ze trekken degenen die de waarheid niet liefhebben naar zich toe en winnen hen voor zich, en ze vallen degenen die de waarheid kunnen aanvaarden aan en sluiten hen buiten, met het doel om iedereen naar zich te laten luisteren en te laten gehoorzamen. Ze vormen altijd kliekjes en zaaien tweedracht in groepen, en uiteindelijk zorgen ze ervoor dat iedereen hun toebehoort. Deze dingen vallen allemaal binnen de reikwijdte van hun kwelling. Antichristen denken de hele dag aan het kwade, en elke gezindheid die ze onthullen is kwaadaardig. Is het dan juist om te zeggen dat de gezindheid van zulke mensen boosaardig is? (Ja, dat is het.) In een groep waar iedereen zijn plaats kent, zich aan zijn eigen werk houdt en doet wat hij behoort te doen, zaait een antichrist zodra hij verschijnt tweedracht van binnenuit, door kwaad te spreken over persoon A in het bijzijn van persoon B en omgekeerd, waardoor die twee met elkaar op gespannen voet komen te staan. Is dat niet het resultaat van tweedracht zaaien? Wat zijn dan enkele uitingen van de intriges van een antichrist? Wanneer er bijvoorbeeld een verkiezing in de kerk plaatsvindt, denken gewone mensen zonder ambitie misschien: ‘Wie er ook gekozen wordt, ik zal me eraan onderwerpen; ik zal diegene steunen die door God wordt aangewezen als leider, en ik zal geen lastpost zijn of problemen veroorzaken.’ Maar mensen met kwade bedoelingen denken niet zo. Als ze zien dat ze geen hoop hebben om te winnen bij deze verkiezing, beginnen ze in hun hart af te wegen: ‘Ik moet voor iedereen wat goede dingen kopen. Wat ontbreekt er momenteel in de kerk? Ik koop een luchtreiniger en zet die in de plaats van bijeenkomst, zodat iedereen bij het inademen van de frisse lucht aan mij zal denken. Zal ik op deze manier, wanneer het tijd is voor de verkiezing, dan niet de eerste kandidaat zijn aan wie ze denken? Ik zal dus niet tevergeefs handelen of geld uitgeven.’ Met dit in gedachten kopen ze snel de goedkoopste en meest visueel aantrekkelijke luchtreiniger. Bovendien denken ze: ‘In deze periode moet ik voorzichtig zijn. Ik mag geen verkeerde dingen zeggen, en ik mag geen dingen zeggen die negatief zijn en mensen niet stichten; ik moet vleiende woorden spreken wanneer ik mensen ontmoet en anderen regelmatig prijzen met dingen als: ‘Je ziet er echt goed uit! Je streeft echt de waarheid na! Hoewel je nog niet zo lang in God gelooft als ik, heb je de waarheid meer nagestreefd dan ik. Jouw menselijkheid is goed, en mensen met een goede menselijkheid zoals jij kunnen gered worden, in tegenstelling tot mij.’ Ik moet me nederig voordoen en anderen in alle opzichten als beter dan ikzelf aanprijzen, zodat anderen het gevoel krijgen dat ze voldoende respect hebben ontvangen.’ Is dat geen intrige? Antichristen doen zulke dingen moeiteloos; gewone mensen kunnen hen niet overtreffen in het smeden van intriges. Wat is het gezegde onder ongelovigen? (Je bent door iemand verkocht en je helpt hem toch het geld te tellen.) Antichristen doen zulke dingen, en de meeste mensen zijn het doelwit van hun verraad en hun intriges.

Zeg Mij, aanvaarden antichristen het om gesnoeid te worden? Geven ze toe dat ze een verdorven gezindheid hebben? (Nee, dat doen ze niet.) Ze erkennen niet dat ze een verdorven gezindheid hebben, maar nadat ze zijn gesnoeid, doen ze toch alsof ze zichzelf kennen. Ze zeggen dat ze een duivel en een Satan zijn, verstoken van menselijkheid en met een slecht kaliber, dat ze niet in staat zijn om dingen grondig te overdenken, dat ze ongeschikt zijn voor de taken die door de kerk zijn geregeld en dat ze hun plichten niet naar behoren hebben vervuld. Vervolgens geven ze in het bijzijn van de meerderheid van de mensen toe dat ze een verdorven gezindheid hebben, erkennen ze dat ze een duivel zijn, en tot slot zeggen ze ook dat dit God is die hen loutert en redt, en laten ze mensen zien hoe goed ze in staat zijn om het snoeien te aanvaarden en zich aan de waarheid te onderwerpen. Ze zeggen er niet bij waarom ze worden gesnoeid of hoeveel schade en verliezen hun handelingen aan het werk van de kerk hebben veroorzaakt. Ze vermijden deze kwesties en bezigen holle woorden, doctrines, drogredenen en verklarende opmerkingen om ervoor te zorgen dat mensen het snoeien dat ze van Gods huis hebben ontvangen, verkeerd interpreteren als onverdiend en onrechtvaardig, alsof hun groot onrecht is aangedaan. Nadat ze zijn gesnoeid, blijven ze in hun hart onverzettelijk en erkennen ze geen van hun verschillende slechte daden ook maar in het minst of geringst. Wat zijn dan al die woorden die ze hebben gecommuniceerd over het erkennen van hun verdorven gezindheid, hun bereidheid om de waarheid te aanvaarden en hun vermogen om zich aan het snoeien te onderwerpen? Zijn dat hun ware gevoelens? Absoluut niet. Het zijn allemaal leugens, schijnvertoningen en duivelse woorden, bedoeld om mensen te misleiden en hen te verlokken. Wat is hun het doel bij het misleiden van mensen? (Mensen zover krijgen dat ze hen aanbidden en volgen.) Precies, het is om mensen te misleiden en te verlokken om hen te volgen en naar hen te luisteren, zodat iedereen denkt dat zij juist en goed zijn. Op deze manier doorziet niemand hen of verzet niemand zich tegen hen. Integendeel, anderen geloven dat zij mensen zijn die de waarheid aanvaarden, het snoeien aanvaarden en die berouwvol zijn. Waarom erkennen ze dan hun slechte daden niet of de verliezen die ze het werk van Gods huis hebben toegebracht? Waarom brengen ze deze zaken niet openlijk ter sprake voor communicatie? (Als ze over die dingen zouden vertellen, zouden mensen hen onderscheiden.) Als mensen hen zouden onderscheiden, hen zouden doorzien, en hun menselijkheid en hun gezindheidsessentie zouden doorzien, zouden ze hen verlaten. Zouden ze dan nog steeds in de valstrikken van de antichristen trappen en door hen misleid worden? Zouden ze hen nog steeds hoogachten? Zouden ze hen nog steeds de hemel in prijzen? Zouden ze hen nog steeds aanbidden? Ze zouden niets van dit alles doen. Antichristen doen alsof ze zichzelf kennen, maar in werkelijkheid is het allemaal drogredenering en zichzelf goedpraten, allemaal om mensen te misleiden en ervoor te zorgen dat mensen achter hen gaan staan, wat hun heimelijke motief is. Ze ontwijken belangrijke zaken en spreken luchtig over zichzelf kennen en het snoeien aanvaarden, om mensen te misleiden en hen te verlokken, om ervoor te zorgen dat mensen hen hoogachten en aanbidden. Is deze methode niet behoorlijk boosaardig? Sommige mensen trappen er echt in, en nadat ze door de antichristen zijn misleid, zeggen ze: “Die persoon is zo welbespraakt, ik was zeer geïnspireerd. Ik heb meerdere keren gehuild!” Op dat moment aanbidden en achten deze mensen de antichristen zeer, maar uiteindelijk blijken het antichristen te zijn; dit is het gevolg van het misleiden en verlokken van anderen door antichristen. Antichristen kunnen mensen op deze manier misleiden, en er is zeker geen tekort aan mensen die erin trappen en bedrogen worden. Als iemand antichristen in deze kwestie kan onderscheiden, dan is hij iemand die de waarheid begrijpt en onderscheidingsvermogen heeft.

Antichristen kwellen mensen vaak. Ze hebben een bekende uitspraak, die luidt: ‘Schatjes, aangezien jullie je niet aan mij overgeven, zorg ik er met een paar simpele zetten voor dat jullie op je knieën gaan en mij aanbidden. Als jullie je dan nog niet overgeven, zorg ik dat jullie ten dode zijn opgeschreven!’ Wat willen antichristen doen? Ze willen mensen kwellen. Wat voor persoon willen ze kwellen? Als je hen gehoorzaamt, vleit en aanbidt, zullen ze je dan kwellen? Als je volgzaam en gehoorzaam bent, als ze in jou geen bedreiging zien, als ze vinden dat je slechts een watje of een slaaf bent, zullen ze niet de moeite nemen om je te kwellen. Als ze iets slechts doen of slechte daden begaan en iemand tegenkomen die hen doorziet, die hen zal blootleggen en ontmaskeren, die hen uit hun positie zal zetten, die hun reputatie zal ruïneren en hun acties zal ondermijnen, dan zullen ze nadenken over hoe ze die persoon kunnen kwellen. Antichristen kwellen mensen niet in een opwelling; veeleer observeren en testen ze mensen voortdurend uit, en kijken ze wie er achter hun rug om kwaad over hen spreekt, wie zich niet aan hen overgeeft, wie hun acties onderscheidt, wie geen aandacht aan hen besteedt en wie weigert bij hen in de gunst te komen. Nadat ze een tijdje hebben geobserveerd en twee of drie van zulke individuen hebben gevonden, beginnen ze tijdens bijeenkomsten over de problemen van deze mensen te communiceren. Hoewel wat ze zeggen oppervlakkig gezien correct lijkt, is het in werkelijkheid doelgericht, met een reden en een doel. Wat is de reden? Ze hebben het al grondig onderzocht; deze individuen geven zich niet aan hen over en onderscheiden hen, en proberen hen altijd bloot te leggen en te ontmaskeren om hen uit hun positie te zetten. Ze zeggen deze dingen om die individuen een waarschuwing te geven, om hen te manen tot voorzichtigheid. Als deze mensen zich terugtrekken en niet door durven te gaan, en alles volgens de wensen van de antichristen verloopt, dan negeren de antichristen hen. Maar als deze individuen doorgaan zoals voorheen, weigeren bij hen in de gunst te komen en nog steeds van plan zijn hen te ontmaskeren, hen te rapporteren aan de Boven en hen uit hun positie te zetten, dan worden zij het volgende doelwit van de antichristen voor kwelling. Ze bedenken andere benaderingen en passen hardere en strengere methoden toe, en proberen manieren te vinden om iets tegen hen in handen te krijgen en kansen te vinden om hen te kwellen, en ze stoppen niet totdat ze hen uit de kerk hebben verdreven. Antichristen onderwerpen andersdenkenden aan dit soort kwelling, en ze zullen niet rusten totdat ze hun doel hebben bereikt. De methoden die antichristen gebruiken om mensen te kwellen zijn meedogenloos. Eerst zoeken ze een voorwendsel en plakken ze mensen een etiket op, en dan beginnen ze hen te kwellen, en stoppen ze niet totdat mensen hen volledig gehoorzamen en zich aan hen overgeven, anders is het niet voorbij. In de kerk zaaien antichristen consequent tweedracht en vormen ze kliekjes, met als doel een factie te creëren en de controle over de kerk in handen te krijgen. Is dit geen veelvoorkomend verschijnsel? Antichristen vormen kliekjes, zaaien tweedracht, trekken gezag naar zich toe, zweren samen met degenen die hen voordeel kunnen bezorgen, die hen kunnen verdedigen met hun woorden, hun slechte daden kunnen verdoezelen en op cruciale momenten voor hen in de bres kunnen springen. Ze laten deze mensen dingen voor hen doen, zelfs over anderen rapporteren en als hun boodschappers fungeren. Als ze status hebben, wordt deze groep hun onafhankelijke koninkrijk. Als ze geen status hebben, vormen zij en hun groep een macht binnen de kerk, die de normale orde van de kerk verstoort en hindert, en het normale kerkleven en werk verstoort.

De meest voorkomende uiting van de boosaardige essentie van antichristen is dat ze bijzonder goed zijn in schijnvertoningen en huichelarij. Ondanks hun bijzonder venijnige, verraderlijke, meedogenloze en arrogante gezindheid, presenteren ze zich uiterlijk als buitengewoon nederig en goedaardig. Is dat geen schijnvertoning? Deze mensen contempleren dagelijks in hun hart en denken: ‘Wat voor kleding moet ik dragen om er christelijker, oprechter, geestelijker, meer belast en meer als een leider uit te zien? Hoe moet ik eten om mensen het gevoel te geven dat ik verfijnd, gracieus, waardig en nobel genoeg ben? Welke manier van lopen moet ik aannemen om een uitstraling van leiderschap en charisma te hebben, om over te komen als een buitengewoon persoon en niet als een gewoon iemand? Welke toon, woordenschat, blikken en gezichtsuitdrukkingen kan ik in mijn gesprekken met anderen gebruiken om mensen het gevoel te geven dat ik van hoge klasse ben, als iemand uit een sociale elite of een hooggeplaatste intellectueel? Hoe kunnen mijn kleding, stijl, manier van spreken en gedrag ervoor zorgen dat mensen mij hoogachten, dat er een onuitwisbare indruk op hen wordt achtergelaten en ik mij ervan kan verzekeren dat ik voor altijd in hun hart blijf? Wat moet ik zeggen om de harten van mensen te winnen en te verwarmen, en om een blijvende indruk te maken? Ik moet meer doen om anderen te helpen en me goed over hen uit te spreken, regelmatig over gods woorden praten en in het bijzijn van mensen wat geestelijke terminologie gebruiken, meer van gods woorden aan anderen voorlezen, meer voor hen bidden, met zachte stem spreken zodat mensen hun oren spitsen en naar me luisteren, en hen het gevoel geven dat ik zachtaardig, zorgzaam, liefdevol, grootmoedig en vergevingsgezind ben.’ Is dat geen schijnvertoning? Dit zijn de gedachten die de harten van antichristen vervullen. Datgene wat hun gedachten vult, is niets anders dan de trends van de ongelovige wereld, wat volledig aangeeft dat hun gedachten en gezichtspunten van de wereld en van Satan zijn. Sommige mensen kleden zich in het geheim misschien als een prostituee of zelfs als een losbandige vrouw; hun kleding is specifiek gericht op kwaadaardige trends en is bijzonder modieus. Echter, wanneer ze naar de kerk komen, dragen ze onder de broeders en zusters een compleet andere kledij en vertonen ze een ander gedrag. Zijn ze niet extreem bedreven in schijnvertoning? (Ja.) Wat antichristen in hun hart overdenken, wat ze doen, hun verschillende uitingen en de gezindheden die ze onthullen, illustreert allemaal dat hun gezindheidsessentie boosaardig is. Antichristen overdenken de waarheid, positieve dingen, de juiste weg of Gods vereisten niet. Hun gedachten, en de benaderingen, methoden en doelen die ze kiezen, zijn allemaal boosaardig. Ze wijken allemaal af van de juiste weg en zijn onverenigbaar met de waarheid. Ze gaan zelfs tegen de waarheid in, en over het algemeen kunnen ze als kwaadaardig worden samengevat; het is alleen dat de aard van dit kwaad boosaardig is, daarom wordt het gezamenlijk aangeduid als boosaardigheid. Ze overwegen niet om een eerlijk iemand te zijn, om puur en open te zijn, of om oprecht en trouw te zijn; in plaats daarvan denken ze aan boosaardige methoden. Neem bijvoorbeeld iemand die zich op een pure manier over zichzelf kan openstellen. Dit is iets positiefs en is het beoefenen van de waarheid. Doen antichristen dit? (Nee.) Wat doen zij? Ze doen voortdurend alsof, en zodra ze iets slechts doen en zichzelf beginnen bloot te geven, verbergen ze het krampachtig, rechtvaardigen en verdedigen ze zichzelf en verhullen ze de feiten, en dan geven ze uiteindelijk hun redenen. Voldoet een van deze praktijken aan het beoefenen van de waarheid? (Nee.) Is een van hen in overeenstemming met de waarheidsprincipes? Nog minder.

Zojuist hebben we het eerste aspect van de gezindheidsessentie van antichristen, dat wil zeggen boosaardigheid, gecommuniceerd en ontleed. We begonnen met een ontleding van de dingen waaraan antichristen de hele dag denken. Aan de hand van hun gedachten, gezichtspunten en de manieren en methoden waarmee ze op verschillende zaken reageren, hebben we de boosaardige gezindheid van antichristen ontleed. We hebben ook de aard van de verschillende dingen die antichristen doen ontleed, gebaseerd op wat er in hun gedachten bestaat. We hebben ook enkele voorbeelden gegeven om hun gezindheidsessentie te ontleden, die door deze voorvallen wordt onthuld. Wat deze voorbeelden betreft, hebben jullie onder degenen die dit gedrag vertonen en deze gezindheden onthullen, iemand met een relatief goede menselijkheid gezien? Als het gaat om een persoon met zulke uitingen en manifestaties, bezit hun karakter dan eerlijkheid, vriendelijkheid, eenvoud, oprechtheid, rechtschapenheid, enzovoort? (Nee.) Het is duidelijk dat ze deze kwaliteiten missen. Integendeel, hun karakter is verraderlijk, meedogenloos, leugenachtig, egoïstisch, verachtelijk en het ontbreekt hen aan eergevoel. Deze kenmerken van hun karakter zijn vrij duidelijk. Er kan correct worden gesteld dat degenen die de hele dag boosaardige gedachten hebben en die verschillende boosaardige dingen kunnen doen, allemaal een zeer slecht karakter hebben. In welke mate is het slecht? Het mist geweten, integriteit en vooral normale rationaliteit. Kunnen mensen die van deze dingen verstoken zijn, als mensen worden beschouwd? Er kan definitief worden gesteld dat mensen die deze dingen missen geen mensen zijn; ze dragen slechts de uiterlijke schil van een mens. Sommigen vragen misschien: ‘Is dat niet als een wolf in schaapskleren?’ Dat is slechts een metafoor. Wat zijn wolven in schaapskleren? Ze zijn in wezen wolven. Is er een wezenlijk onderscheid tussen wolven en duivels of antichristen? Wolven jagen op vee en schapen en eten die op, niet uit hebzucht maar als deel van hun door God verordende aard. Er is echter één ding dat wolven bezitten en antichristen niet. Als iemand een wolf adopteert en opvoedt of zijn leven heeft gered, zal de wolf die persoon nooit schaden en zal hij dankbaarheid tonen. Antichristen daarentegen genieten van Gods genade, leiding en de voorziening van Gods woorden, maar ze smeden in alles intriges tegen God, en staan altijd in oppositie en vijandschap met Hem. Ze kunnen zich aan niets wat God doet onderwerpen; ze kunnen er geen amen op zeggen, ze willen zich verzetten. Is het gepast om te zeggen dat antichristen wolven in schaapskleren zijn? Is deze metafoor juist? (Nee, dat is het niet.) In het verleden, in de religie, werd eenieder die als antichrist of kwaadaardig persoon werd bestempeld, beschouwd als een wolf in schaapskleren. Dit was slechts een metafoor die door mensen werd gebruikt toen ze de waarheid en de menselijkheidsessentie en gezindheid van verschillende individuen niet begrepen. Echter, wanneer de waarheid op dit niveau wordt gecommuniceerd, wordt het gebruik van deze metafoor minder passend. Duivels zijn duivels, en antichristen zijn gelijk aan duivels, en ze zijn het niet waard om vergeleken te worden met alle levende wezens die God heeft geschapen. Hebben enige van de wezens die God heeft geschapen, zoals wolven of andere vleeseters, zich ooit tegen God verzet of zijn enige van die wezens ooit tegen Hem in opstand gekomen? Zouden ze tegen God tieren of zich tegen Hem verzetten? Zouden ze oordelen over, veroordelen of aanvallen wat God zegt? Zulke dingen doen ze niet; ze leven alleen in overeenstemming met de instincten en de leefomgeving die God voor hen heeft verordend. Hoe God hen ook heeft geschapen, zo zijn ze, zonder enige schijnvertoning. Maar antichristen zijn anders: ze hebben de aard van Satan en zijn gespecialiseerd in handelen in tegenstrijd met positieve dingen en de waarheid. Ze zijn net als de grote rode draak: ze zijn gespecialiseerd in daden van verzet tegen God.

2. Wat antichristen doen richting God

Laten we nu, na te hebben gecommuniceerd over de verschillende boosaardige uitingen die antichristen jegens mensen vertonen, communiceren over de uitingen die antichristen jegens God vertonen, ervan uitgaande dat ze de hele dag alleen maar aan boosaardige dingen denken. We hebben dit onderwerp al eerder uitvoerig behandeld, dus laten we het samenvatten. We beginnen met de mildere gevallen en gaan dan geleidelijk over naar de ernstigere vormen. Als eerste is er twijfel, gevolgd door het nauwkeurig onderzoeken van God, en daarnaast is er achterdocht, behoedzaamheid, eisen stellen en onderhandelen. Is er nog iets anders? (God uittesten.) De aard van dit gedrag is vrij ernstig. Naarmate we verdergaan, wordt de aard van elke gedraging steeds ernstiger – ontkenning, veroordeling, oordeel, godslastering, verbaal geweld, aanval, tieren en verzet. Hoewel sommige van deze termen oppervlakkig gezien een enigszins vergelijkbare betekenis lijken te hebben, verschilt bij nader onderzoek de diepgang of nadruk ervan. Door van verschillende perspectieven uit te gaan of de verschillende benaderingen van antichristen in overweging te nemen, kunnen we onderscheid aanbrengen in de aard van deze termen.

a. Twijfel

Twijfel, nauwkeurig onderzoek en achterdocht zijn relatief prille uitingen. Sommige mensen koesteren slechts twijfel in hun hart en denken: ‘Is het geïncarneerde vlees werkelijk God? Hij lijkt mij een mens. Zijn al Zijn woorden de waarheid? Welke van Zijn woorden klinken als de waarheid? Sommige dingen die Hij zegt, gaan misschien het menselijk spraakvermogen en de menselijke kennis te boven. Mensen kunnen mysteries en profetieën misschien niet duidelijk uitleggen, maar kunnen profeten ook niet zulke dingen zeggen? Er wordt gezegd dat God rechtvaardig is, maar hoe is God rechtvaardig? Er wordt gezegd dat God soeverein is over alles, maar waarom doet Satan dan altijd slechte dingen? Wanneer Satan ons in zijn ban krijgt en vervolgt, wanneer hij ons mishandelt, waarom grijpt God dan niet in? Waar is God? Bestaat God wel echt?’ Wanneer mensen geen oprecht geloof hebben, Gods soevereiniteit niet erkennen, Gods gezindheid of Gods essentie niet kennen en de waarheid niet begrijpen, zullen zulke twijfels in hun hart opkomen. Naarmate mensen echter geleidelijk Gods werk ervaren, de waarheid begrijpen en Gods soevereiniteit erkennen, worden deze twijfels langzaam maar zeker opgelost en zullen ze veranderen in oprecht geloof. Dit is het onvermijdelijke pad voor iedereen die God volgt. Maar kunnen de twijfels van antichristen, die een boosaardige essentie bezitten, worden veranderd? (Nee, die kunnen niet worden veranderd.) Waarom kunnen ze niet worden veranderd? (Antichristen zijn niet-gelovigen – ze erkennen God niet.) In theorie zijn ze niet-gelovigen, dus twijfelen ze hardnekkig aan God. De objectieve reden is dat mensen zoals zij inherent weigeren de waarheid en positieve dingen te aanvaarden. Alles wat God doet, is echter positief en de waarheid. Omdat antichristen afkerig van en vijandig jegens de waarheid zijn, erkennen of aanvaarden ze niet dat dit feiten zijn, zelfs als iedereen erkent dat elk afzonderlijk ding dat God doet een feit is, dat dit alles onder Gods soevereiniteit valt en dat Gods soevereiniteit – net als God – beslist bestaat. In de harten van antichristen blijven twijfels over God voor altijd bestaan. Het is duidelijk dat dit feiten zijn, iedereen is er getuige van, en zelfs bij degenen die gewoonlijk slechts de kleinste hoeveelheid geloof hebben, worden hun twijfels over God weggenomen na jarenlang Gods werk te hebben ervaren, en ontwikkelen ze een oprecht geloof in God. Alleen antichristen kunnen hun twijfels over God niet veranderen. Objectief gezien zijn deze individuen in theorie niet-gelovigen die de waarheid niet aanvaarden, maar in feite is het omdat antichristen afkerig van de waarheid zijn en een boosaardige essentie bezitten – dit is de fundamentele reden. Ongeacht hoeveel mensen bevestigen of getuigen van wat God heeft gedaan, of hoe overweldigend een bewijsstuk ook is dat antichristen onder ogen wordt gebracht, ze weigeren toch te geloven in de essentie van God of dat God soeverein is over alle dingen – dit is buitensporig boosaardig. Dit kan met één punt worden geïllustreerd: wanneer antichristen het overweldigende en duidelijke feit van Gods soevereiniteit over alle dingen zien, geloven ze er niet in, erkennen ze het niet en twijfelen ze zelfs aan God. Maar als het gaat om de daden van de zogenaamde Boeddha of onsterfelijken waarover ongelovigen, duivels en boze geesten spreken, daden waarvan antichristen geen getuige zijn geweest en waarvoor elk tastbaar bewijs ontbreekt, geloven ze die grif. Dit is een extreme vertoning van boosaardigheid. Ongeacht hoe groot of wereldschokkend Gods daden ook mogen zijn, antichristen blijven twijfelen en minachting tonen, en koesteren ze voortdurend twijfels in hun hart. Maar wanneer duivels of Satan iets bizars doen, geven ze zich gewonnen en buigen ze zich vol bewondering neer. Ze kunnen geen vrees voor of oprecht geloof in God opbrengen, hoe groot de dingen ook zijn die God doet. Omgekeerd geloven ze grif in alle verzinsels van Satan en vereren ze die met heel hun hart. Dit is een vertoning van boosaardigheid. Het feit dat antichristen aan God twijfelen blijft altijd bestaan. Ze geloven nooit dat God soeverein is over alle dingen en ze erkennen nooit dat God de waarheid is; ongeacht hoeveel mensen hiervan getuigen of hoeveel bewijs hiervoor wordt geleverd, ze kunnen het niet toegeven, en niet geloven. Enerzijds komt dit door de boosaardige gezindheidsessentie van de antichristen, en anderzijds geeft het aan dat zulke individuen inderdaad geen mens zijn, omdat ze de denkprocessen van de normale menselijkheid missen. Wat betekent het dat ze de denkprocessen van de normale menselijkheid niet bezitten? Het betekent dat ze het juiste oordeel en begrip missen van positieve dingen, de waarheid en de essentie en oorsprong achter alle dingen. Zelfs door het lezen van Gods woorden, het luisteren naar preken en het ervaren van Gods woorden kunnen ze niet bevestigen of geloven, maar blijven ze twijfelen. Het is duidelijk dat deze individuen de denkprocessen van de normale menselijkheid missen. Zijn mensen die normale denkprocessen missen, die de waarheid, Gods woorden en positieve dingen en feiten niet kunnen vatten, nog wel mens? (Nee, ze zijn geen mens.) Ze zijn geen mens, maar er kan niet worden gezegd dat het dieren zijn, omdat dieren geen boosaardige gezindheid hebben; aangezien deze individuen wel een boosaardige gezindheid hebben, gaat de stelling op: deze individuen zijn inderdaad onvervalste antichristen, die een demonische aard bezitten. Twijfel is een toestand in de gedachten die antichristen jegens God manifesteren, en het is ook een soort gezindheidsessentie die in hun gedrag wordt onthuld, wat de meest oppervlakkige, fundamentele, uiterlijke en veelvoorkomende uiting is.

b. Nauwkeurig onderzoek

In hun hart hebben antichristen niets dan twijfel over God, is het dan zo dat ze Gods woorden, Zijn gezindheid en Zijn werk oprecht aanvaarden? Onderwerpen ze zich hier werkelijk aan? Volgen ze God oprecht? Het antwoord is duidelijk nee. Wat volgt hieruit? Wanneer deze individuen naar het huis van God komen, denken ze: ‘Waar is God? Ik kan Hem niet zien, ik kan alleen Zijn stem horen. Afgaande op de stem lijkt het een vrouw te zijn; afgaande op de woorden lijkt zij opgeleid te zijn, niet ongeletterd; maar afgaande op de manier van spreken en de inhoud van haar woorden; wat zegt zij? Waarom klinkt het verwarrend? Na geluisterd te hebben, zeggen veel mensen dat het de waarheid is, maar waarom klinkt het voor mij niet zo? Het gaat allemaal over zaken die met menselijkheid te maken hebben, over menselijke gezindheid, over verschillende gesteldheden die mensen in hun handelingen onthullen – bevat dit leven en de weg? Ik begrijp het niet echt. Iedereen zegt na geluisterd te hebben dat ze hun plichten trouw moeten vervullen, god tevreden moeten stellen en redding moeten nastreven. Veel mensen schrijven zelfs artikelen met ervaringsgetuigenissen en leggen getuigenis af. Is deze persoon god? Lijkt zij op god? Ik heb haar gezicht niet gezien; als ik dat had gezien, zou ik misschien haar gelaatstrekken kunnen lezen en een definitief antwoord hebben. Nu ik alleen haar stem hoor en luister naar wat zij zegt, voel ik me nog steeds een beetje onzeker.’ Wat doen ze? Ze zijn nauwkeurig aan het onderzoeken, uittesten, proberen de werkelijke situatie te vatten, om te zien of dit inderdaad God is, en vervolgens te bepalen of ze Hem zullen volgen, hoe ze Hem zullen volgen, en vast te stellen of ze in deze persoon een antwoord kunnen vinden voor de zegeningen en bestemming die ze willen verkrijgen, evenals voor hun verlangens, en of ze via deze persoon nauwkeurig kunnen weten hoe God in de hemel is, of Hij werkelijk bestaat, wat Zijn gezindheid is, wat Zijn benadering en houding ten opzichte van mensen zou kunnen zijn, en wat voor soort vermogens, vaardigheden en gezag Hij heeft. Is dit niet God nauwkeurig onderzoeken? Duidelijk wel.

Kunnen antichristen, terwijl ze God nauwkeurig onderzoeken, Gods woorden als hun leven aanvaarden en ze aannemen als leidraad en doel voor hun dagelijks leven en gedrag? (Nee.) Een gewoon verdorven mens onderzoekt God misschien een tijdje nauwkeurig en denkt dan: ‘Dit pad is verkeerd, ik voel me ongemakkelijk in mijn hart; ik kan geen antwoorden vinden door God op deze manier nauwkeurig te onderzoeken. Hoe kan een gelovige in God Hem nauwkeurig onderzoeken? Wat valt er te behalen door God nauwkeurig te onderzoeken? Wanneer gelovigen God nauwkeurig onderzoeken, verbergt God Zijn aangezicht voor hen en kunnen ze de waarheid niet verkrijgen. Er wordt gezegd dat Gods woorden de waarheid zijn en dat mensen de weg kunnen vinden en leven kunnen verkrijgen vanuit Zijn woorden. Het is niet goed voor mij om op deze manier te handelen – ik kan niet doorgaan met Hem nauwkeurig te onderzoeken.’ Terwijl ze naar preken luisteren en Gods woorden lezen, ontdekken ze geleidelijk dat mensen verdorven gezindheden hebben, en beseffen ze langzaam maar zeker dat ze niet verenigbaar met God kunnen zijn, hun plichten niet naar behoren kunnen vervullen of iets goed kunnen doen, tenzij deze verdorven gezindheden worden opgelost. Ze ontdekken geleidelijk dat de reden waarom mensen hun plichten niet goed kunnen vervullen, is dat hun verdorven gezindheden en opstandigheid hen belemmeren, en dat ze handelen volgens hun verdorven gezindheden en niet in staat zijn zaken volgens de waarheidsprincipes aan te pakken. Vervolgens beginnen ze te denken: ‘Hoe kan ik handelen in overeenstemming met de waarheidsprincipes? Wanneer mijn verdorven gezindheden worden onthuld, hoe kan ik ze dan oplossen?’ De beste oplossing voor de verdorven gezindheden van mensen is de waarheid en Gods woorden. De meest directe manier voor mensen om de waarheid binnen te gaan, is de waarheidsprincipes te zoeken en de principes te vinden voor alles wat ze doen. Hierdoor worden doelen, richting, paden en beoefeningsmethoden vastgesteld. Zodra deze zijn vastgesteld, hebben mensen een pad om te volgen, en wanneer ze handelen, zullen ze waarschijnlijk de bestuurlijke decreten niet schenden, hun verdorven gezindheden niet onthullen of geen verstoringen en hinder veroorzaken, en is het nog minder waarschijnlijk dat ze God weerstaan. Na zo’n ervaring te hebben doorgemaakt, voelen ze dat ze een geschikt pad voor hun geloof in God hebben gevonden, en dat dit het pad is dat ze nodig hebben, het pad dat ze moeten binnengaan, het juiste pad voor geloof in God en voor het leven, en dat het veel beter is dan Hem nauwkeurig te onderzoeken en altijd een afwachtende houding ten opzichte van Hem aan te nemen. Ze beseffen dat het nauwkeurig onderzoeken van God zinloos is, en dat hoeveel men Hem ook nauwkeurig onderzoekt, het de verschillende verdorven gezindheden die ze onthullen, of de problemen die ontstaan wanneer ze hun plichten vervullen, niet zal oplossen. Daarom gaan ze geleidelijk over van het nauwkeurig onderzoeken van God naar het pad van het zoeken van de waarheidsprincipes. Dit is de normale manier van binnengaan en het ervaringsproces voor gewone verdorven mensen. Voor antichristen is het echter anders. Vanaf de eerste dag dat ze het huis van God binnengaan en over de drempel stappen, denken ze: ‘Alles in gods huis is zo interessant, alles is zo nieuw – het is anders dan de ongelovige wereld. In gods huis moet iedereen eerlijk zijn; het is net een grote familie, en zo levendig!’ Nadat ze hun broeders en zusters nauwkeurig hebben onderzocht, vertrouwd met hen zijn geraakt en hen grondig hebben begrepen, is het tijd voor hen om God nauwkeurig te onderzoeken. Ze denken bij zichzelf: ‘Waar is god? Wat doet god? Hoe doet hij het? God in de hemel nauwkeurig onderzoeken is moeilijk; hij is moeilijk te doorgronden en wij schieten hierin tekort. Maar nu is er een handige snellere manier – god is naar de aarde gekomen, wat het gemakkelijk maakt om hem nauwkeurig te onderzoeken.’ Sommigen van hen hebben het geluk in contact te komen met God op aarde en deze persoon met eigen ogen te zien, wat het voor hen nog gemakkelijker maakt om Hem nauwkeurig te onderzoeken. Hoe doen ze dit? Ze onderzoeken nauwkeurig de vrolijke gesprekken van God op aarde, in welke zaken Hij de ene manier van spreken gebruikt en in welke zaken Hij een andere gebruikt, de context waarin Hij lacht en blij is, en waar Hij het op die momenten over heeft, evenals waar Hij het over heeft wanneer Hij niet blij is of wanneer Hij boos is. Ze onderzoeken nauwkeurig in welke situaties Hij mensen negeert of heel vriendelijk tegen hen is, wanneer Hij mensen snoeit en wanneer niet, aan welke zaken Hij aandacht besteedt en waar Hij niet om geeft, en ook of Hij weet wanneer mensen Hem nauwkeurig onderzoeken, Hem bedriegen of Hem achter Zijn rug om beledigen. Nadat ze de bredere aspecten nauwkeurig hebben onderzocht, duiken antichristen in de details, zoals wat God op aarde eet, wat voor kleding Hij draagt en Zijn dagelijkse routine. Ze onderzoeken nauwkeurig wat Hij leuk vindt, waar Hij graag naartoe gaat, en zelfs welke kleuren Hij mooi of lelijk vindt, of Hij de voorkeur geeft aan zonnig of bewolkt weer, en of Hij naar buiten gaat bij slecht weer – al deze specifieke details. Van begin tot eind zijn antichristen altijd nauwkeurig aan het onderzoeken, en negeren ze wat deze persoon die de identiteit van God bezit, is komen doen. Ze zeggen: ‘Het kan me niet schelen wat je hier komt doen; telkens wanneer ik je zie, zul je het onderwerp van mijn nauwkeurig onderzoek worden.’ Wat is het doel van hun nauwkeurig onderzoek? Ze denken: ‘Als ik kan bevestigen dat je werkelijk god bent, dan kan ik standvastig en met heel mijn hart alles achterlaten om je te volgen. Want geloven in god is als het plaatsen van een weddenschap, en aangezien je beweert god en het geïncarneerde vlees van god te zijn, staat geloven in jou gelijk aan het plaatsen van een weddenschap op jou. Hoe kan ik je niet nauwkeurig onderzoeken? Als ik je niet nauwkeurig zou onderzoeken, zou dat oneerlijk tegenover mij zijn. Als ik je niet nauwkeurig zou onderzoeken, zou ik geen verantwoordelijkheid nemen voor mijn eigen bestemming, vooruitzichten en levenslot. Ik moet je tot het allerlaatste moment nauwkeurig onderzoeken.’ Zelfs vandaag de dag, na al hun nauwkeurig onderzoek, zijn ze er nog steeds niet zeker van: ‘Is deze persoon werkelijk christus? Is hij werkelijk de geïncarneerde god? Het is niet erg duidelijk. Hoe dan ook, veel mensen volgen hem, en de situatie met de verspreiding van het evangelie is relatief veelbelovend. Het ziet ernaar uit dat het zich verder zou kunnen verspreiden, dus ik mag niet achterblijven. Maar ik moet hem nog steeds nauwkeurig blijven onderzoeken.’ Ze zijn onverbeterlijk.

Antichristen hebben een boosaardige gezindheidsessentie, dus ze houden nooit op met hun nauwkeurig onderzoek. In een organisatie of gemeenschap van niet-gelovigen onderzoeken ze nauwkeurig allerlei soorten mensen en buiten ze die uit, zoeken ze uit wat hun superieuren leuk vinden, identificeren ze hun kwetsbaarheden, en passen ze vervolgens hun handelwijze aan en spelen ze in op de smaak van hun superieuren om bij hen in de gunst te komen. Nadat ze het huis van God zijn binnengegaan, blijft hun aard onveranderd – ze gaan door met hun nauwkeurig onderzoek. Ze begrijpen niet dat het nauwkeurig onderzoeken van God niet het pad is dat gelovigen zouden moeten volgen. Door God nauwkeurig te onderzoeken, zullen ze nooit Gods daden begrijpen, of inzien dat alles wat God uitdrukt de waarheid is, of begrijpen dat al deze waarheden en daden van God voor de redding van de mensheid zijn. Antichristen zullen dit punt nooit begrijpen. Het enige dat ze zien is dat Gods uitverkoren volk voortdurend lijdt onder de vervolging en achtervolging van Satan. Ze zien alleen maar slechte mensen slechte daden begaan en verstoringen veroorzaken binnen de kerk, ze zien dat de krachten van antichristen in de religieuze wereld God voortdurend lasteren en veroordelen, terwijl God hier nooit iets aan doet. Zo blijven antichristen vasthouden aan hun eigen noties en verbeeldingen, en weigeren ze keihard enige waarheden te aanvaarden die door God worden uitgedrukt. Wat is het resultaat? Hun noties en verbeeldingen worden hun bewijsmateriaal waarmee ze weerstand bieden aan God. In de ogen van antichristen zijn deze zogenaamde bewijsstukken de redenen waarom ze niet in Gods identiteit en essentie geloven en die niet erkennen. Juist omdat ze weigeren de waarheid te aanvaarden, zullen ze nooit, maar dan ook nooit de waarheden zien die onder deze feiten verborgen liggen, de waarheden die mensen zouden moeten begrijpen en vatten, en Gods bedoelingen. Dit is het resultaat van hun nauwkeurig onderzoek. Geconfronteerd met deze feiten kunnen degenen die de waarheid nastreven, de waarheid liefhebben en een oprecht geloof in God hebben, dingen van God aanvaarden en correct reageren, wat er ook gebeurt in Gods huis, en ze kunnen op God wachten, stil worden voor God en tot Hem bidden, proberen Gods bedoelingen te vatten, en ook begrijpen en vatten dat Gods goede bedoelingen achter al deze dingen zitten die plaatsvinden. Om slechte mensen te onthullen en af te snijden, doet God veel dingen waar mensen niet aan zouden denken. Tegelijkertijd gebruikt Hij, om Gods uitverkoren volk te vervolmaken en hen in staat te stellen onderscheidingsvermogen te verkrijgen en lessen te leren, ook slechte mensen en hun slechte daden om dienst te doen. Enerzijds onthult en snijdt God hen af; anderzijds stelt Hij Zijn uitverkoren volk in staat te zien welke dingen positief en negatief zijn, wie door God wordt goedgekeurd, wie door God wordt verafschuwd, wie door God wordt geëlimineerd en wie Hij zegent. Dit zijn allemaal lessen die Gods uitverkoren volk moet leren, de positieve resultaten die degenen die de waarheid nastreven zouden moeten bereiken, en de waarheden die mensen zouden moeten begrijpen. Vanwege hun boosaardige gezindheidsessentie zullen antichristen deze uiterst kostbare dingen echter nooit bereiken. Daarom hebben ze maar één toestand – terwijl ze in Gods aanwezigheid zijn, twijfelen ze niet alleen aan Hem, maar zijn ze Hem voortdurend nauwkeurig aan het onderzoeken. Zelfs als ze dit niet tot op de bodem kunnen uitzoeken, blijven ze Hem nauwkeurig onderzoeken. Als je hun vraagt of ze niet moe zijn, zeggen ze: ‘Helemaal niet. God nauwkeurig onderzoeken is iets leuks, fascinerends, interessants en boeiends om te doen!’ Zijn dit geen duivelse woorden? Ze bezitten het gelaat van Satan, ze hebben de aard-essentie van antichristen. Ze zijn niet van plan de waarheid of Gods redding te aanvaarden; ze zijn hier uitsluitend om God nauwkeurig te onderzoeken.

c. Achterdocht

Vervolgens zullen we communiceren over de achterdocht van antichristen jegens God. Wat betekent achterdocht letterlijk? Er zijn enkele specifieke uitingen, gedachten en gedragingen voor het nauwkeurig onderzoeken van God, en het is absoluut juist om te zeggen dat hetzelfde geldt voor achterdocht. Na God nauwkeurig te hebben onderzocht, weten sommige mensen nog steeds niet wat Gods gezindheid werkelijk is of wat voor emoties God heeft, en zijn ze er niet zeker van of God werkelijk bestaat. Ze zijn nog minder in staat om te bepalen of deze gewone persoon Christus is of dat Hij Gods essentie bezit. Ze begrijpen deze dingen niet en hebben er geen duidelijkheid over. Wanneer ze later de gelegenheid hebben om met God om te gaan, denken ze: ‘Christus communiceerde met mij over mensen die hun plichten op een plichtmatige manier vervullen; zou het kunnen dat iemand heeft gezegd dat ik mijn plichten plichtmatig vervul en dat christus daarachter is gekomen? Is dat de reden waarom hij het ter sprake bracht toen we elkaar ontmoetten? Dit komt zeker doordat iemand me heeft verklikt, en nadat christus erachter kwam, heeft hij mij als doelwit gekozen om te ontmaskeren. Mag christus me nog wel, nu hij weet wat voor soort persoon ik ben? Voelt hij afkeer van mij, of heeft hij een lage dunk van mij? Is hij van plan me te ontheffen?’ Na een tijdje te hebben gewacht en te hebben gezien dat ze niet zijn ontheven, denken ze: ‘Oef, ik was zo bang. Ik dacht dat christus misschien kleingeestig zou zijn, maar hij deed het niet. Nu kan ik me ontspannen.’ Sommigen zeggen misschien: ‘Tijdens mijn laatste ontmoeting met christus sprak ik onsamenhangend, als een ongeschoold persoon, en heb ik een beetje vreemd gesproken. Ik heb mijn ware aard blootgelegd. Zal christus een slechte indruk van me hebben? Zal hij me later elimineren? Alles is prima als ik hem niet zie – mijn problemen komen pas boven drijven als ik hem ontmoet. Ik moet hem niet meer ontmoeten, ik moet hem ontwijken als ik hem zie, en zo ver mogelijk bij hem vandaan blijven, en ik mag absoluut geen omgang, interactie of nauw contact met christus hebben. Anders zou hij wel eens een lage dunk van me kunnen krijgen.’ Wat voor gedachten en benaderingen zijn dit? (Achterdocht.) Dit is achterdocht. Er zijn ook mensen die zeggen: ‘Tijdens de laatste bijeenkomst stelde god een eenvoudige vraag, maar ik beantwoordde die niet goed, wat mijn tekortkomingen onthulde. Zal god denken dat ik geen goed kaliber heb, en zal hij me in de toekomst niet cultiveren? De vorige keer onthulde iemand iets wat ik deed, en zei dat ik dwaas was en onnadenkend handelde. Als god hierachter komt, zal hij me dan in de toekomst nog wel vervolmaken? Wat is mijn status in gods gedachten – is die hoog of laag, superieur of inferieur? Tot welke categorie behoor ik? In de toekomst moet ik, telkens wanneer ik met god spreek, mijn woorden voorbereiden. Ik kan niet zomaar wat zeggen of zeggen wat er in me opkomt. Ik moet meer nadenken, dingen meer overpeinzen, meer overwegen, mijn taal goed voorbereiden en de beste en meest bekwame kant van mezelf aan christus presenteren. Hoe geweldig en perfect zou dat zijn!’ Dit is ook achterdocht.

Achterdocht is een ander kenmerk van de boosaardige gezindheid van antichristen. Behalve twijfelen en nauwkeurig onderzoeken, koesteren antichristen ook achterdocht. Kortom, ongeacht welk aspect hun gedachten domineert, het heeft niets te maken met het beoefenen en zoeken van de waarheid. Kunnen deze benaderingen, gedachten of methoden dan bevestigen dat de gezindheidsessentie van antichristen boosaardig is? (Ja.) Of antichristen nu aan God twijfelen, God nauwkeurig onderzoeken of achterdocht jegens God koesteren, ze richten zich in elk geval nooit op de waarheid, bekeren zich nooit en gebruiken deze methoden hardnekkig om zaken met betrekking tot God te overpeinzen en God te behandelen zonder ook maar enigszins de waarheid te zoeken. Ongeacht hoe vermoeiend en zwaar deze handelwijzen ook mogen zijn, ze gaan er onvermoeibaar mee door en blijven ze herhalen. Ongeacht hoe lang ze God al nauwkeurig onderzoeken of achterdocht jegens Hem koesteren, of ze nu resultaten hebben geboekt of niet, ze blijven dit pad volgen zoals voorheen, blijven op deze manier handelen en hun handelwijze herhalen. Ze onderzoeken zichzelf nooit en denken nooit: ‘Is dit de methode en houding waarmee een schepsel God zou moeten behandelen? Wat is de aard van mijn handelwijze ten opzichte van God? Wat voor gezindheid onthul ik? Is Hem zo behandelen in overeenstemming met de waarheid? Verafschuwt God het? Als ik dingen blijf doen die God verafschuwt, wat zal dan het uiteindelijke resultaat zijn? Zal ik door God worden verlaten en geëlimineerd? Er zullen negatieve gevolgen zijn, waarom kan ik dan niet handelen en praktiseren volgens Gods woorden en vereisten?’ Denken ze na over deze zaken? (Nee.) Waarom denken ze niet na? Omdat ze geweten en rationaliteit in hun karakter missen. Ze hebben geen geweten, dus voeren ze zulke onredelijke en absurde handelingen uit zonder zich ervan bewust te zijn. Gebrek aan rationaliteit zorgt ervoor dat ze nooit begrijpen wie ze zijn, of welke positie, welk perspectief en welke status ze zouden moeten aannemen. Ze voelen nooit dat ze een gewoon mens zijn, een verdorven mens, of het soort en nageslacht van Satan dat door God wordt verafschuwd. De dingen die mensen zouden moeten aanvaarden zijn Gods woorden, Gods vereisten en de waarheid die God hun verschaft; ze zouden God niet nauwkeurig moeten onderzoeken alsof ze Zijn gelijken waren, en niet met God moeten lachen en praten alsof ze met een ander mens omgaan – zijn dit niet dingen die een niet-mens zou doen? Op dit moment wordt het karakter van antichristen onthuld, en domineert de boosaardige gezindheidsessentie van antichristen hen, waardoor ze zich onvermoeibaar bezighouden met deze waardeloze en zinloze handelingen die anderen schaden en henzelf geen voordeel opleveren. Toch kunnen ze het niet loslaten; ze blijven zich onbewust van de fout van dit pad en de aard die achter deze handelingen schuilgaat. Ongeacht de hoeveelheid inspanning, lijden en mislukking die met deze zaak gemoeid is, voelen ze geen zelfverwijt, geen beschuldiging en geen schuldgevoel. Ze houden eraan vast om op gelijke voet met God te staan, en onderzoeken en verachten God zelfs vanuit de hoogte nauwkeurig, twijfelen herhaaldelijk aan Hem en zijn achterdochtig jegens Hem. Ongeacht hoeveel jaar ze al in God geloven, hun houding ten opzichte van God en hoe ze Hem behandelen is nooit veranderd. Als ze niet aan Hem twijfelen, onderzoeken ze Hem nauwkeurig, en als ze Hem niet nauwkeurig onderzoeken, zijn ze achterdochtig jegens Hem. Het lijkt alsof ze door een demon zijn bezeten of betoverd – dit zijn verschillende uitingen van de boosaardige essentie van antichristen. Antichristen zijn van nature boosaardig; sommige mensen die de essentie van antichristen niet kunnen doorzien, zeggen misschien: ‘Kun je je niet onthouden van het nauwkeurig onderzoeken van God? Kun je niet stoppen met aan Hem te twijfelen? Kun je niet stoppen met achterdochtig jegens Hem te zijn? Als je stopt met deze dingen te doen, zul je in staat zijn de waarheid te begrijpen, God als God te behandelen, een oprecht geloof in God te ontwikkelen en legitiem één van Gods mensen te worden; je zult de kans hebben om een schepsel te worden dat aan de norm voldoet, en zul je dan niet de naam als één van Gods uitverkorenen waardig zijn? Hoe geweldig zou dat zijn!’ Antichristen werpen echter tegen: ‘Ik ben niet zo dwaas. Wat is het voordeel van een schepsel zijn dat aan de norm voldoet? Dat is saai. Het is pas interessant als ik twijfel aan god, hem nauwkeurig onderzoek en achterdochtig jegens hem ben!’ Deze uiting van antichristen is zoals wat de grote rode draak zegt: “Vechten met andere mensen en met de hemel is een bron van eindeloos plezier.” Dit is een nauwkeurige definitie en ware weerspiegeling van de boosaardige aard-essentie van antichristen. Samenvattend zijn antichristen buitengewoon boosaardig, ze zijn tot in het extreme boosaardig. Degenen die in God geloven maar ronduit weigeren de waarheid te aanvaarden, zijn boosaardige mensen. Veel mensen willen antichristen altijd een kans geven om berouw te tonen, denkend dat ze op een dag berouw zullen tonen – is dit argument juist? Zoals de gezegden luiden: ‘De tijger kan zijn strepen niet veranderen’ en ‘Een luipaard kan zijn vlekken niet veranderen.’ Daarom kun je niet de normen en methoden voor de omgang met mensen gebruiken om met antichristen om te gaan of eisen aan hen te stellen. Ze zijn wat ze zijn. Als ze God niet nauwkeurig onderzoeken of aan Hem twijfelen, of als ze niet achterdochtig jegens Hem zijn, voelen ze zich ongemakkelijk, omdat ze worden beheerst door hun boosaardige aard.

d. Behoedzaamheid

Vervolgens zullen we communiceren over behoedzaamheid. Antichristen hebben één overheersende en duidelijke gedachte en zienswijze. Ze zeggen: ‘Mensen moeten god niet toestaan hun lot te beheersen of er soeverein over te zijn; als god de controle heeft over iemands lot, dan is het voorbij voor hem. Mensen moeten degenen zijn die controle over zichzelf hebben om geluk te bereiken, en om zonder zorgen te kunnen eten, drinken en plezier maken. God laat mensen niet eten, drinken en plezier maken, hij laat hen niet goed leven; hij laat mensen alleen maar ontberingen lijden. Daarom moeten we ons eigen geluk in handen nemen; we kunnen ons lot niet aan god toevertrouwen, of passief op alles wachten, of god voorbereidingen laten treffen, en ons laten verlichten en leiden – we kunnen niet dat soort mensen zijn. We hebben mensenrechten, en het recht op autonoom handelen, en een vrije wil. We hoeven niet alles aan god te rapporteren en over alles bij god te zoeken – dat zou ons zo incompetent doen lijken; alleen dwazen doen dat!’ Wat doen ze? (Op hun hoede zijn voor God.) Sommige mensen zeggen: ‘Wees voorzichtig wanneer je een eed aflegt voor god; denk goed na over je woorden. Wanneer de mens handelt, kijkt de hemel toe!’ Sommigen bidden: ‘O god, ik wijd mijn hele leven en jeugd aan jou; ik zal niet naar een partner zoeken of trouwen.’ Maar nadat ze dit hebben gezegd, hebben ze er spijt van en denken ze: ‘Zal god mijn woorden laten uitkomen? Wat als ik echt een partner nodig heb of wil trouwen? Zal god me straffen? Dit is slecht!’ Vanaf dat moment worden ze depressief en vreugdeloos, vermijden ze het andere geslacht en vrezen ze straf. Wat doen ze? (Op hun hoede zijn voor God.) Een ander soort persoon zegt: ‘Jezelf voor god inzetten is niet gemakkelijk noch eenvoudig. Je moet een back-upplan hebben; je moet een uitweg voor jezelf voorbereiden voordat je je voor god inzet. Anders zal god niet voor je zorgen wanneer je middelen opraken! Jezelf voor god inzetten is jouw zaak; dat god soeverein is over alle dingen is een andere zaak. God is soeverein over alle dingen – zal hij voor een klein persoon als jij zorgen? God zorgt alleen voor grote zaken; hij houdt zich niet bezig met deze kleine dingen. Daarom moet je je uitweg plannen en voorbereiden; als god je later niet meer wil en je wegstuurt, zal hij je geen genade tonen.’ Wat voor manier van denken is dit? (Behoedzaamheid jegens God.) Mensen zijn zo berekenend. Sommigen betalen, nadat ze leider zijn geworden, enkele prijzen en zetten zich werkelijk een beetje in, maar vanwege hun slechte menselijkheid, verwerpelijke gezindheid en de gezindheid van antichristen die ze bezitten, brengen ze aanzienlijke verliezen toe aan Gods huis. Als gevolg daarvan worden ze weggestuurd. Daarna leren ze zich te gedragen en zich gedeisd te houden, en nemen ze niemand in vertrouwen, zeggend: ‘Vroeger nam ik mensen altijd in vertrouwen, dus iedereen wist wat er werkelijk met me aan de hand was, maar toen rapporteerde iemand me aan gods huis en werd ik weggestuurd. Dus nu moet ik leren mezelf af te sluiten, mezelf te verbergen, en mezelf te verdedigen en te beschermen. Ik moet voorzichtig zijn met mensen in vertrouwen nemen, en ik zou zelfs god niet in vertrouwen moeten nemen. Ik geloof niet langer dat god de waarheid is, dat hij getrouw is. Ik heb nog minder vertrouwen in de broeders en zusters. Niemand is mijn vertrouwen waardig, zelfs mijn familieleden of verwanten niet, laat staan degenen die de waarheid nastreven.’ Wat doen ze? (Ze zijn op hun hoede.) Wanneer antichristen ervaren dat ze gesnoeid worden, dat dingen mislukken, dat ze vallen en onthuld worden, maken ze de balans op en komen ze met een gezegde: ‘Je kunt niet kwaadwillig zijn, maar je moet op je hoede blijven.’ In werkelijkheid hebben ze anderen heel wat schade berokkend, en uiteindelijk vermommen ze zich en komen ze met deze misvatting. Na vele jaren in God te hebben geloofd en talloze mislukkingen en tegenslagen te hebben ervaren, evenals Gods onthulling en Zijn snoeien, zouden mensen onder normale omstandigheden moeten nadenken en zichzelf moeten kennen door de lessen van deze mislukkingen, de waarheid moeten zoeken om problemen op te lossen, en de redenen voor hun mislukkingen en misstappen in Gods woorden moeten vinden, evenals het pad voor beoefening dat ze zouden moeten nemen. Antichristen doen dit echter niet. Na meerdere misstappen en mislukkingen escaleren ze hun gedrag, nemen hun twijfels over God in aantal toe en worden ze ernstiger, wordt hun nauwkeurig onderzoek van God intenser, wordt hun achterdocht jegens God dieper, en evenzo wordt hun hart vervuld van behoedzaamheid jegens God. Hun behoedzaamheid zit vol klachten, woede, verzet en verontwaardiging, en ze ontwikkelen geleidelijk zelfs ontkenning, oordeel en veroordeling jegens God. Verkeren ze niet in steeds groter gevaar? (Ja.)

Afgaande op de houding van antichristen ten opzichte van God, ten opzichte van de omgevingen en mensen, gebeurtenissen en dingen die door God zijn geregeld, ten opzichte van Gods onthulling en disciplinering van hen, enzovoort, hebben ze dan ook maar de minste intentie om de waarheid te zoeken? Hebben ze ook maar de minste intentie om zich aan God te onderwerpen? Hebben ze ook maar het minste geloof dat dit alles niet toevallig is, maar veeleer onder Gods soevereiniteit valt? Hebben ze dit begrip en besef? Duidelijk niet. Je kunt zeggen dat de wortel van hun behoedzaamheid voortkomt uit hun twijfels over God, dat de wortel van hun achterdocht jegens God uit hun twijfels over God voortkomt. De resultaten die voortvloeien uit hun nauwkeurig onderzoek van God maken hen achterdochtiger jegens God en tegelijkertijd meer op hun hoede voor God. Afgaande op de verschillende gedachten en zienswijzen die voortkomen uit het denken van antichristen, evenals de verschillende benaderingen en gedragingen die worden voortgebracht onder de overheersing van deze gedachten en zienswijzen, zijn deze mensen simpelweg onredelijk; ze kunnen de waarheid niet begrijpen, ze kunnen geen oprecht geloof in God ontwikkelen, ze kunnen niet grondig in het bestaan van God geloven en dit erkennen, en ze kunnen niet geloven en erkennen dat God soeverein is over de hele schepping, dat Hij soeverein is over alles. Dit alles is te wijten aan hun boosaardige gezindheidsessentie.

19 december 2020

Vorige:  Uitweiding vier: Samenvatting van het karakter van antichristen en hun gezindheidsessentie (deel 1)

Gerelateerde inhoud

Aan wie ben jij precies trouw?

Op dit moment is elke dag die jullie leven cruciaal en van het uiterste belang voor jullie bestemming en jullie lot. Daarom moeten jullie...

Instellingen

  • Tekst
  • Thema's

Effen kleuren

Thema's

Lettertype

Lettergrootte

Regelruimte

Regelruimte

Paginabreedte

Inhoud

Zoeken

  • Zoeken in deze tekst
  • Zoeken in dit boek

Connect with us on Messenger